direct naar inhoud van REGELS
Plan: Bloemenkamp 5A Beemte Broekland
Status: ontwerp
Plantype: wijzigingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0200.wp1028-ont1

REGELS

behorende bij het wijzigingsplan Bloemenkamp 5A Beemte Broekland

Hoofdstuk 1 INLEIDENDE REGELS

Artikel 1 Begrippen

In deze regels wordt verstaan onder:

1.1 plan

Het wijzigingsplan Bloemenkamp 5A Beemte Broekland met identificatienummer NL.IMRO.0200.wp1028-ont1 van de gemeente Apeldoorn, zijnde een wijziging van het bestemmingsplan.

1.2 wijzigingsplan

De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen.

1.3 bestemmingsplan

Het bestemmingsplan Beemte Noord met identificatienummer NL.IMRO.0200.bp1250-vas2 van de gemeente Apeldoorn.

1.4 Overige begrippen

Voor de overige begrippen is artikel 1 van het bestemmingsplan Beemte Noord van overeenkomstige toepassing.

Artikel 2 Wijze van meten

Voor de wijze van meten is artikel 2 van het bestemmingsplan Beemte Noord van overeenkomstige toepassing.

Hoofdstuk 2 BESTEMMINGSREGELS

Artikel 3 Agrarisch

Voor de gronden met de bestemming 'Agrarisch' zijn de regels van artikel 3 behorende bij het bestemmingsplan 'Beemte Noord' van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat artikel 3.2 Bouwregels, bij 'bedrijfsgebouwen en overkappingen' en onder 'bijzondere regels', wordt aangevuld met het volgende gedachtestreepje:

- het vergroten van de oppervlakte van bestaande dierenverblijven op de Bloemenkamp 5a is niet toegestaan.

Artikel 4 Groen - Landschapselement

4.1 Bestemmingsomschrijving

De voor 'Groen - Landschapselement' aangewezen gronden zijn bestemd voor:

  • a. aanleg, versterking en instandhouding van groenvoorzieningen en ter plaatse voorkomende waardevolle beplanting en landschapselementen;
  • b. voorzieningen voor de waterhuishouding;
  • c. voor zover aangeduid gelden tevens de regels voor gebiedsaanduidingen van hoofdstuk 3 met de daarbij behorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
4.2 Bouwregels

Naast de algemene bouwregels van artikel 7 en de regels voor gebiedsaanduidingen van hoofdstuk 3 gelden de specifieke regels van het navolgende bebouwingsschema.

Bebouwing
 
Maximum bouwhoogte   Bijzondere regels  
Bouwwerken, geen gebouw zijnde, met uitzondering van overkappingen
 
2 m    

4.3 Nadere eisen

Burgemeester en wethouders kunnen met het oog op de bescherming van de bijzondere landschapselementen nadere eisen stellen aan de omvang en situering van bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

Op het stellen van nadere eisen zijn de in artikel 11 opgenomen procedureregels van toepassing.

Artikel 5 Overige zone - lage archeologische verwachtingswaarde

Voor de gronden met de aanduiding 'overige zone-lage archeologische verwachtingswaarde' zijn de regels van artikel 15 behorende bij het bestemmingsplan 'Beemte Noord' van overeenkomstige toepassing.

Hoofdstuk 3 ALGEMENE REGELS

Artikel 6 Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

Artikel 7 Algemene bouwregels

Op het wijzigingsplan zijn de algemene bouwregels van artikel 11 behorende bij het bestemmingsplan van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat artikel 11.1 wordt aangevuld met een sub l.

l. Een omgevingsvergunning voor het bouwen wordt slechts verleend indien bij de aanvraag wordt aangetoond dat in voldoende mate ruimte aanwezig is voor het parkeren van auto's en fietsen en het laden en lossen van goederen. Dit volgens de 'Beleidsregel Parkeren zoals vastgesteld op 21 maart 2019, en is opgenomen in bijlage 2 van de Bijlagen bij de regels, dan wel haar rechtsopvolger.

Artikel 8 Algemene gebruiksregels

Op het wijzigingsplan zijn de algemene gebruiksregels van artikel 12 behorende bij het bestemmingsplan van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat artikel 12.2.1 wordt aangevuld met een sub h.

h. Als gebruik in strijd met de bestemming geldt het gebruik van gronden en bouwwerken waarbij niet in voldoende mate ruimte aanwezig is voor het parkeren van auto's en fietsen en het laden en lossen van goederen. Dit volgens de 'Beleidsregel Parkeren' zoals vastgesteld op 21 maart 2019, die is opgenomen in bijlage 2 van de Bijlagen bij de regels, dan wel haar rechtsopvolger.

Artikel 9 overige zone- voorwaardelijke verplichting

Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - voorwaardelijke verplichting' wordt de omgevingsvergunning om te bouwen ten behoeve van de functie zoals bedoeld in artikel 3 verleend indien:

a. de bebouwing wordt gepositioneerd overeenkomstig het in bijlage 1 Inrichtingsplan van de BIJLAGEN BIJ DE REGELS voorgeschreven erfinrichtingsplan.

b. de beplanting is aangeplant overeenkomstig het Inrichtingsplan van de BIJLAGEN BIJ DE REGELS voorgeschreven erfinrichtingsplan.

Artikel 10 Algemene afwijkingsregels

Op het wijzigingsplan zijn de algemene afwijkingsregels van artikel 18 van het bestemmingsplan van overeenkomstige toepassing.

Artikel 11 Algemene procedureregels

Een beslissing omtrent het stellen van nadere eisen wordt niet genomen dan nadat belanghebbenden schriftelijk in kennis zijn gesteld van het voornemen tot het stellen van nadere eisen en in de gelegenheid zijn gesteld zienswijzen tegen die voorgenomen nadere eisen bij burgemeester en wethouders in te dienen.

Artikel 12 Verwijzing naar andere wettelijke regelingen

Bij een verwijzing naar andere wettelijke regelingen is bedoeld de desbetreffende wet zoals die luidt op het tijdstip van terinzageleggen van het ontwerp van dit plan.

Hoofdstuk 4 OVERGANGS- EN SLOTREGELS

Artikel 13 Overgangsrecht bouwwerken

13.1 Overgangsrecht

Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot:

  • a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd;
  • b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan.
13.2 Afwijken

Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het eerste lid een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal 10%.

13.3 Overgangsrecht niet van toepassing

Het eerste lid is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

Artikel 14 Overgangsrecht gebruik

14.1 Overgangsrecht

Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.

14.2 Ander strijdig gebruik

Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het eerste lid, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind.

14.3 Onderbreken gebruik onder overgangsrecht

Indien het gebruik, bedoeld in het eerste lid, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten.

14.4 Overgangsrecht niet van toepassing

Het eerste lid is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

Artikel 15 Slotregel

Deze regels kunnen worden aangehaald als: Regels van het wijzigingsplan.

Vastgesteld bij besluit van burgemeester en wethouders van de gemeente Apeldoorn

d.d.
 
  nr.    

Mij bekend,

De secretaris,

Namens hem:

Piet Stoop

afdelingshoofd Omgevingsrecht en Vergunningen