direct naar inhoud van 6.5 Archeologie en cultuurhistorie
Plan: Wenum Wiesel en buitengebied
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0200.bp1092-ont1

6.5 Archeologie en cultuurhistorie

6.5.1 Archeologische waarden

Op 1 september 2007 is de Wet op de Archeologische Monumentenzorg in werking getreden. Hiermee worden de uitgangspunten van het Verdrag van Malta binnen de Nederlandse wetgeving geïmplementeerd. De wet regelt de bescherming van archeologisch erfgoed in de bodem, de inpassing ervan in de ruimtelijke ontwikkeling en de financiering van opgravingen. Het is verplicht om in het proces van ruimtelijke ordening tijdig rekening te houden met de mogelijke aanwezigheid van archeologische waarden.

In de bestemmingsplanregels is conform de nieuwe Wet op de Archeologische Monumentenzorg een regeling voor de omgang met archeologische waarden opgenomen. Deze regeling sluit aan op de Apeldoornse standaardregels.

6.5.2 Beschermd dorpsgezicht

De grens van het gemeentelijk beschermd dorpsgezicht Wiesel wordt als aanduiding 'beschermd dorpsgezicht' op de verbeelding opgenomen. Deze aanduiding is bedoeld om de samenhang van de cultuurhistorische, landschappelijke en ruimtelijk-visuele dimensies te behouden. Binnen het beschermd dorpsgezicht gelden onder andere eisen met betrekking tot de inhoudsmaat van woningen. Hier wordt in paragraaf 6.6.2 nader op ingegaan.

6.5.3 Monumenten en karakteristieke gebouwen en bouwwerken

De bescherming van de rijks- en de gemeentelijke monumenten is afdoende geregeld in het kader van respectievelijk de Monumentenwet 1988 en de gemeentelijke monumentenverordening. Het bestemmingsplan bevat hier geen regels voor. Wel is de bestaande monumentale bebouwing 'strak omkaderd' door hier middels maatwerk een bouwvlak aan toe te kennen, waarbuiten uitbreiding niet mogelijk is. Zie ook bijlage 1.

De gemeente heeft daarnaast nog extra gebouwen en bouwwerken aangewezen die een cultuurhistorische waarde vertegenwoordigen (zie bijlage 2). Deze hebben op de verbeelding de bouwaanduiding 'karakteristiek' gekregen. Ook hiervoor geldt dat de maatvoering voor de bouw- en nokhoogtes op de verbeelding is opgenomen. Het bouwvlak is beperkt. Ook is een specifieke sloopregeling opgenomen.

6.5.4 Cultuurhistorisch gebied

Op de verbeelding komt een specifiek gebied voor, waarbij er sprake is van een bijzonder cultuurhistorische waarde. Dit gebied heeft een gebiedsaanduiding 'cultuurhistorisch gebied' gekregen. Binnen dit gebied zijn onder andere de buitenplaats 'De Rotterdamse Kopermolen' en de Wenumse Enk en omgeving gelegen.

De molenbiotoop van de molen op de Wenumsche Enk is separaat op de verbeelding aangeduid. Voor de molenbiotoop zijn regels opgenomen waardoor de open ruimte en vrije toegankelijkheid om de molen behouden blijft.

In het cultuurhistorisch gebied is eveneens sprake van een waardevol reliëf en kenmerkende kleinschaligheid.

6.5.5 Cultuurhistorisch waardevolle infrastructuur

Het nog in het landschap herkenbare tracé van de nooit voltooide rijksweg ten westen van de Zwolseweg, dient ook ten noorden van het beschermde gezicht herkenbaar te blijven in reliëf en houtopstanden/openheid. Hier wordt door een aanduiding 'open landschap voorkomen dat het doorzicht verdwijnt en zijn de houtopstanden ter weerszijden positief bestemd.

Voor de voormalige spoorlijn ten oosten van de Zwolseweg, die thans als fietspad functioneert, zal geen aanduiding worden opgenomen, omdat het gebruik (verhard fietspad) het ontstaan van opgaande beplanting en bebouwing al bij voorbaat uitsluit.

De historische wateren met een kunstmatig (gegraven of opgeleid/bedijkt) karakter, zoals de sprengen, opgeleide beken, wijers, en de Grift, dienen dit karakter te behouden. Hier is de dubbelbestemming 'waarde - beken en sprengen' opgenomen.

Zandwegen hebben een specifieke aanduiding gekregen, waarmee wordt voorkomen dat de landschappelijk en cultuurhistorische waarden kunnen worden aangetast door het verharden ervan.