direct naar inhoud van 5.2 Waterhuishouding
Plan: Engelenweg 20 en Leeuwenbergweg 23 Loenen
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0200.bp1176-ont1

5.2 Waterhuishouding

5.2.1 Algemeen

Het plangebied ligt binnen bestaand stedelijk gebied. Het plangebied bevindt zich niet binnen enige Keurzone en niet binnen de zoekgebieden voor waterberging die de provincie Gelderland in het streekplan heeft aangegeven. Het plangebied ligt niet in een grondwaterbeschermings - of onttrekkingszone.

5.2.2 Grondwater

Het gebied ligt in de in het streekplan vastgelegde grondwaterfluctuatiezone. Uit het klimaatmodel voor de Veluwe van Provincie Gelderland blijkt dat in en rond het plangebied in de toekomst een stijging van de gemiddelde grondwaterstanden van 10 tot 30 cm te verwachten is.

afbeelding "i_NL.IMRO.0200.bp1176-ont1_0013.png"

Figuur 5.1 Toename grondwaterstanden volgens Klimaatmodel (blauw 10-20 cm, paars 20-30 cm)


Het maaiveldniveau in het plangebied varieert van circa NAP +23,10 m tot NAP +23,60 m. Op basis van peilbuizen in de omgeving zijn de laagste grondwaterstanden ingeschat op NAP + 18,50m á NAP +19,00 m en de hoogste grondwaterstanden op NAP +19,20 m á NAP +19,70 m.


De verwachte hoogste grondwaterstanden liggen dus meer dan 3,0 m onder het maaiveld. Ook met de stijging volgens het klimaatmodel worden geen grondwaterproblemen verwacht.


Er is in en om het plangebied geen grondwateroverlast bekend. Door de ontwikkeling van het perceel zal grondwater in dit plangebied geen overlast veroorzaken en niet structureel afgevoerd worden. Hierdoor zal het plan grondwaterneutraal worden ontwikkeld.

5.2.3 Oppervlaktewater en waterafhankelijke natuur

Er ligt geen oppervlaktewater in de directe nabijheid van het plangebied. Het dichtstbijzijnde oppervlaktewater ligt ten oosten van de Hoofdweg op circa 150 m afstand van het plangebied. Door dit plan ontstaat geen extra oppervlaktewater. Er zal niet geloosd worden op het oppervlaktewater. Het plan heeft geen nadelige gevolgen voor de kwaliteit van het oppervlaktewater. Het plan heeft geen nadelige gevolgen voor het oppervlaktewatersysteem in de omgeving.

afbeelding "i_NL.IMRO.0200.bp1176-ont1_0014.png"

Figuur 5.2 Oppervlaktewater in de omgeving van het plangebied


In en om het plangebied komt geen waterafhankelijke natuur voor. Het plan heeft derhalve geen nadelige gevolgen voor de waterafhankelijke natuur.

5.2.4 Afvoer van hemel- en afvalwater

De nieuwe gebouwen dienen te worden voorzien van gescheiden afvoeren voor vuil- en hemelwater, zoals op grond van het Bouwbesluit verplicht is.


In de Engelenweg en de Leeuwenbergweg ligt een gemengd rioolstelsel waarmee zowel huishoudelijk afvalwater (vuilwater) als hemelwater wordt afgevoerd. Het bestaande openbare rioolstelsel nabij het plangebied heeft voldoende capaciteit voor de extra vuilwaterafvoer van dit bouwplan.


Sinds de introductie van het vernieuwde waterbeleid hanteert de gemeente Apeldoorn bij nieuwbouwplannen en herstructureringsprojecten het principe dat er geen hemelwater op de bestaande riolering mag worden aangesloten. Voor dit project worden de volgende uitgangspunten gehanteerd:

  • Al het hemelwater afkomstig van daken en terreinverhardingen wordt geïnfiltreerd in de bodem of geborgen op het terrein, bijvoorbeeld door toepassing van infiltatiegreppels of wadi's, ondergrondse infiltatievoorzieningen, waterdoorlatende verhardingen of vijvers.
  • Voor hemelwater afkomstig van afvoerende verharde oppervlakken dient een hemelwatervoorziening ter grootte van 20 mm per afvoerende m2 verharding aangelegd te worden.


Indien er grotere buien vallen kunnen de infiltratie- of bergingsvoorzieningen bovengronds overlopen naar openbaar gebied. Hier dient met de hoogteligging van het ontwerp rekening mee gehouden te worden. De uiteindelijke keuzes dienen met Gemeente Apeldoorn en, indien nodig, Waterschap Veluwe afgestemd te worden.


Voor de nieuwbouw mag géén gebruik worden gemaakt van uitlogende materialen die het hemelwater kunnen verontreinigen (DAF-prestaties). Voorbeelden zijn zink en koper.

5.2.5 Watertoets

Het plan omvat meer dan 1.500 m² extra verhard oppervlak. Het plangebied ligt niet in een Keurzone of in een zoekgebied voor waterberging. Het plan betreft geen HEN-water (inclusief beschermingszone), landgoed, weg, spoorlijn, damwand, scherm, ontgronding et cetera. Bovendien zal er niet geloosd gaan worden op het oppervlaktewater.


Vanwege de omvang van het verhard oppervlak valt dit plan officieel niet onder de postzegelplannen in het kader van de watertoets als omschreven door Waterschap Veluwe.

Daarom heeft er vooroverleg als bedoeld in artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening plaatsgevonden met het waterschap. Het waterschap heeft hierbij aangegeven dat voor dit plan het standaard wateradvies geldt.