direct naar inhoud van 5.3 Natuurwaarden
Plan: Bestemmingsplan Buurtweg 8 Uddel
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0200.bp1166-ont1

5.3 Natuurwaarden

5.3.1 Algemeen

Bescherming van natuurwaarden vindt plaats via de Flora- en faunawet, de Natuurbeschermingswet, de Boswet en de provinciale richtlijn voor Bos- en natuurcompensatie.

Soortbescherming

Op grond van de Flora- en faunawet (verder: Ffw) is iedere handeling verboden die schade kan toebrengen aan de op grond van de wet beschermde planten en dieren en/of hun leefgebied. De wet kent een algemene zorgplicht, omvat daarnaast een reeks van verbodsbepalingen en heeft een groot aantal soorten (verdeeld over verschillende categorieƫn) als beschermd aangewezen.

Gebiedsbescherming

Naast de soortbescherming wordt de gebiedsbescherming geregeld binnen de Natuurbeschermingswet (in de Natura 2000-gebieden) en binnen de Ecologische Hoofdstructuur. Bescherming van bos is aan de orde als bestemmingen van bestaand bos worden gewijzigd.

Bos- en natuurcompensatie

Bos en natuur worden ook beschermd door de Boswet en de provinciale richtlijn Bos- en natuurcompensatie uit 1998, die is gericht op de instandhouding van het bos- en natuurareaal in de provincie Gelderland. Voor gronden met de hoofd- of medebestemming 'Bos' en 'Natuur' die in het kader van ruimtelijke planvorming wordt aangetast, gelden bepaalde compensatieregels. Deze compensatie is afhankelijk van de vervangbaarheid van de aan te tasten natuur of de leeftijd van het te kappen bos. Bij bos jonger dan 25 jaar geldt een compensatie van 120%; voor bos van 25 tot 100 jaar 130% en voor bos ouder dan 100 jaar, 140%. Voor gronden binnen de bebouwde kom die volgens de criteria van de Boswet herplantplichtig zijn (bosjes van minimaal 10 are of 20 bomen in rijbeplanting) geldt eveneens de compensatieverplichting vanuit de richtlijn.

5.3.2 Onderzoeksresultaten

In de rapportage d.d. 28 september 2011, opgesteld door Econsultancy (ing. L. Hunink-Verwoerd) en opgenomen in bijlage 1 van de Bijlagen bij de toelichting, zijn de resultaten van het natuurwaardenonderzoek weergegeven. Hieruit blijkt dat de uitvoering van het plan niet leidt tot een nadelig effect op een beschermd natuurgebied. Ten aanzien van soortenbescherming blijkt dat het plangebied fungeert als verblijf- en/of leefgebied voor diverse diersoorten. Alleen voor de huismus zijn speciale maatregelen nodig om overtreding van de Ffw te voorkomen. De huismus nestelt namelijk in een aantal van de te slopen stallen. Naast dat de stallen buiten het broedseizoen gesloopt gaan worden, zal daarvoor vervangende nestgelegenheid gecreƫerd moeten worden.