direct naar inhoud van 4.7 Cultuurhistorie en archeologie
Plan: Dorp Hoenderloo
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0200.bp1128-ont1

4.7 Cultuurhistorie en archeologie

4.7.1 Visie

Het bestemmingsplangebied Dorp Hoenderloo ligt in een zone met zowel hoge als lage

attentiewaarden op de cultuurhistorische beleidskaart. Op basis daarvan is in juni 2010 een cultuurhistorische analyse (CHA) gemaakt. Hieruit blijkt dat het landschap van Hoenderloo en omgeving aanzienlijke cultuurhistorische waarden bevat. Deze waarden zijn gelegen in archeologische en gebouwde objecten, oude structuren zoals (zand)wegen, lanen, houtsingels oude ontginningen en de waardevolle landschappelijke samenhang tussen die elementen.

De cultuurhistorische analyse is als bijlage 2 bij de toelichting op dit bestemmingsplan opgenomen. De beschrijving van de geschiedenis en de landschappelijke waarden uit de analyse is verwerkt in hoofdstuk 3.

In de CHA worden aanbevelingen gedaan met betrekking tot het behoud en beheer van cultuurhistorische en ruimtelijke waarden. Daarvan zijn de volgende voor het bestemmingsplan relevant.

algemeen

- Nader onderzoeken welke gebouwen alsnog op zichzelf of binnen een ensemble in aanmerking zouden moeten komen voor een beschermde status. De eerdere inventarisaties waren sterk objectmatig en architectonisch van aard. Deze gebiedsanalyse heeft geleid tot het nieuwe inzicht dat deze objecten de identiteit van Hoenderloo bepalen en verder kunnen versterken. Daarom verdienen ze een heroverweging vanuit de eigenheid van de gebiedskarakteristieken. Dat geldt vooral voor de categorie agrarisch erfgoed waarvan in Hoenderloo al veel is verdwenen en getransformeerd. Daarbij gaat het niet alleen om het object maar vooral ook om de betekenis van het object in het straat-, dorps- en landschapsbeeld.

- Het stelsel van open ruimtes is van groot belang voor de ervaring van de landschappelijke situering van Hoenderloo. Met de open ruimtes dient dus zeer zorgvuldig te worden omgegaan. Nader onderzoeken hoe het behoud van het stelsel in het bestemmingsplan kan worden opgenomen. Het is niet zozeer de bebouwing, maar vooral de situering van de bebouwing die onderscheidend is. Het stelsel van open ruimtes zoals aangegeven op blz. 46 en 70 van de CHA dient te worden gerespecteerd en behouden. Buiten dit stelsel kan wel gebouwd worden, mits zorgvuldig ingepast in de omgeving. Bij bebouwing op nieuwe locaties dient het te gaan om kleine, herkenbare ruimtelijke eenheden. De tussenruimte en landschappelijke gelaagdheid moeten ervaarbaar blijven.

bodemlandschap

- De karakteristieke hoogteverschillen en glooiingen in het landschap ervaarbaar houden cq. versterken. Bebouwing en beplanting kunnen hieraan een positieve bijdrage leveren.

- Om de voorhistorische ontwikkeling van Hoenderloo en de gebruiksgeschiedenis van het landschap beter in beeld te krijgen dient bij bodemingrepen archeologisch onderzoek plaats te vinden.

dorpslandschap

- De grote structuur van het dorp als een open enclave in het bos als geheel leesbaar houden. Aandacht voor de overgang bos – open ruimte en dorp.

- Handhaaf en versterk de heldere ruimtelijke verbindingen tussen de open ruimtes onderling (groen stelsel).

- Koester de laanbeplanting en de hoge boomplukken in het straatbeeld.

- Behoud de bestaande doorzichten naar de open ruimtes rondom de dorpskern.

- Behoud het asymmetrische straatprofiel, de overeenkomst in bouwhoogte aan weerskanten en de variatie in de positionering en architectonische uitwerking.

- Behoud de verspringende rooilijnen.

- Behoud de kleine bouwstromen: weinig complexmatige bouw en altijd in combinatie met individuele bouw.

- Behoud de gelaagde doorzichten tussen de huizen onderling met ruimte voor groene erfafscheidingen. Voorkom verstening van het erf.

- Behoud de gelaagde overgangen tussen openbaar en privé: ruimte voor groene voortuinen (voldoende diepte).

- Behoud de hellende daken en lage goothoogtes. Aandacht voor het materiaal van de dakbedekking, de kleur en de detaillering.

- Behoud de landelijke uitstraling van de zandwegen, de onverharde paden en de grindbermen als karakteristieke onverharde elementen in de openbare ruimte in Hoenderloo.

- Parkeren mag niet zichtbaar zijn vanuit de grotere open ruimtes. De landschappelijke inpassing van bebouwing, parkeerruimte en erfafscheidingen dient een toetsbaar onderdeel van de planvorming te zijn, vanaf de eerste schetsen.

institutioneel landschap

- Plaats nieuwe bebouwing in het bos of in de bosrand en niet in de open ruimtes of voor de bosrand.

Het bestemmingsplan dient te voorkomen dat de diverse cultuurhistorische en archeologische waarden in het plangebied verloren kunnen gaan. Overigens worden archeologie en cultuurhistorie niet alleen met behulp van het bestemmingsplan beschermd, maar ook via sectorale wet- en regelgeving.

4.7.2 Vertaling in bestemmingsplan

Behoud van de cultuurhistorische en archeologische waarden via het bestemmingsplan is gebeurd door in de planregels voor de bescherming van deze waarden te zorgen (voorzover dit geen deel uitmaakt van andere wettelijke regelingen).

Cultuurhistorie

De waardevolle cultuurhistorische elementen, zoals deze in de CHA zijn aangegeven, worden in dit bestemmingsplan zo veel mogelijk beschermd door middel van maatwerk (met name in de bestemmingslegging en bouwaanduidingen) en beschermende regelingen (karakteristieke panden, openheid van waardevolle open ruimtes, onverharde wegen, laanstructuren, bijzondere bomen en reliëf). Een deel van de aanbevelingen uit de CHA behoort echter niet tot de werkingssfeer van het bestemmingsplan (bijvoorbeeld omdat dit beter past binnen de monumentenwet/verordening of het beeldkwaliteitplan).


Voor objecten die zijn aangewezen als Rijks- of gemeentelijk monument geldt dat deze op basis van bestaande wet- en regelgeving al een bescherming kennen. Daarom is geen regeling in het bestemmingsplan opgenomen. Er zijn echter ook andere cultuurhistorisch waardevolle objecten, die geen formele status als Rijks- of gemeentelijk monument kennen. Deze gebouwen zijn door hun cultuurhistorische en ruimtelijke waarde van groot belang voor het karakteristieke beeld van Hoenderloo. Daarom wil de gemeente deze in het bestemmingsplan beschermen. Hiervoor zijn specifieke regels opgenomen met betrekking tot sloop en uitbreiding.


Archeologie

Voor de gebieden die op basis van de Archeologische Beleidskaart (zie par.2.5.7) een hoge en middelhoge archeologische verwachtingswaarde hebben gekregen betekent dit dat deze gronden in het bestemmingsplan een bepaalde mate van bescherming dienen te krijgen. Dit gebeurt door middel van een dubbelbestemming op de verbeelding (plankaart) en bijbehorende regels. Voor de gebieden met een lage archeologische verwachtingswaarde is met een algemene gebruiksregel zorg gedragen voor het uitvoeren van archeologisch onderzoek.