direct naar inhoud van 4.6 De Hoenderloo Groep
Plan: Dorp Hoenderloo
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0200.bp1128-ont1

4.6 De Hoenderloo Groep

4.6.1 Visie

Voor het terrein van de Hoenderloo Groep Apeldoorn was in het (vigerende) bestemmingsplan een bestemming Maatschappelijke Doeleinden opgenomen met een ruime bebouwingsmarge. Van een (volledige) invulling van de bebouwingsmogelijkheden binnen het areaal met de bestemming 'Maatschappelijke doeleinden', dat onder Natura en EHS 2000 is gerangschikt, zijn negatieve effecten op de gebieds- en soortbescherming niet uit te sluiten.

Het één-op-één overnemen van die bouwrechten is - ondanks er sprake is van een conserverend bestemmingsplan - daarom niet gewenst en vereist een herschikking van bestemmingen en bouwvlakken die enerzijds recht doet aan die bouwmogelijkheden, echter anderzijds ook landschappelijke en natuurwaarden een adequate inpassing geeft.

4.6.2 Vertaling in bestemmingsplan

Negatieve effecten op natuur die zouden kunnen optreden bij de (ruime) herbestemming van het areaal maatschappelijke doeleinden worden voorkomen door een herverdeling van de bestemmingen. De bestemmingen zijn daarbij gebaseerd op een zonering cq verschuiving waarbij enerzijds natuur/landschapswaarden worden veiliggesteld en anderzijds de bebouwing wordt geconcentreerd in clusters, rekening houdend met landschappelijke en stedenbouwkundige criteria.

De zonering is gebaseerd op de volgende uitgangspunten:

* Vanuit de bebouwingstructuur gelden de volgende criteria:

1. onderscheiden van verschillende gebiedsdelen vanuit ruimtelijke structuur van:
- ensembles van woonpaviljoens in het bos langs Wesselplantsoen en Heideveld;
- koppeling van de zone voor intensievere bebouwing aan de hoofdontsluiting (Arckelaan) in het centrale deel conform ontwikkelingsvisie HoenderlooGroep;
- woningen langs de Weikamperweg

2. concentratie van intensievere bebouwingsvlakken met name op en rond de bestaande bebouwing, tuinen/erven en verhardingen;

3. onderscheiden van gebieden die vanuit de landschappelijke structuur en ruimtelijke opbouw van het terrein een open karakter hebben;

4. beperkte bebouwingsmogelijkheden in de driehoek tussen de laan van eikenhof en de nieuwe doorgetrokken laan, waarbij nadruk ligt op een zorgvuldig landschappelijke inpassing, met oog op het zicht vanaf de zuidelijk open delen.

* Vanuit de natuur gelden de volgende criteria:

1. geen bebouwingsmogelijkheden in aangegeven habitattypen binnen Natura 2000;

2. geen bebouwingsmogelijkheden in de meer waardevolle bosdelen binnen het terrein die deel uitmaken van Natura 2000;

3. veiligstelling van de lanenstructuren als belangrijke structuurdragers en biotopen van diverse soorten (vleermuizen, holenbroeders, boommarters, eekhoorns etc);

4. concentratie van intensievere bebouwingsvlakken met name op en rond de bestaande bebouwing, tuinen/erven en verhardingen;

* Vanuit het landschap gelden de criteria:

1. koppeling van de intensievere bebouwing aan de hoofdontsluiting in het centrale deel;

2. beperkte bebouwingsmogelijkheden in de driehoek tussen de laan van eikenhof en de nieuwe doorgetrokken laan, waarbij nadruk ligt op een zorgvuldig landschappelijke inpassing, met oog op het zicht vanaf de zuidelijk open delen;

3. Een lagere bebouwingsdichtheid in de flanken van het terrein aan de oost- en westzijde ter invulling van een kwetsbare overgang naar de bosrijke delen.

Samengevat:

De opgave in dit bestemmignsplan is om te komen tot een herverdeling van bouwmogelijkheden en bestemmingen die uit gaat uit van clustering bouwmogelijkheden daar waar bebouwing vanuit natuur en landschap ook toelaatbaar is. Daar staat tegenover het herbestemmen van gronden naar natuur en agrarisch die juist beschermd dienen te worden.


Per saldo wijzigt het bebouwd/te bebouwen oppervlakte in geringe mate (zie afbeelding).

afbeelding "i_NL.IMRO.0200.bp1128-ont1_0029.jpg"

In rode arcering staat aangegeven hoe de geldende maatschappelijke bestemming uit het bestemmingsplan 'Berg en Dal' het gehele terrein beslaat. Bij deze bestemming behoort een bebouwingspercentage van 10 %, zijnde 36.075 m2. De ondergrond geeft aan de situatie zoals deze in het nieuwe bestemmingsplan is voorgesteld. Binnen de bruine vlakken met de bestemming 'Maatschappelijk' kan bebouwing plaatsvinden. Daarbuiten ligt de bestemming 'Natuur' en richting het dorp in het open landschap ligt de bestemming 'Agrarisch'. Hierbij behoort een bebouwingsvolume van 36.981 m2 die - zoals gezegd - gesitueerd moet worden in de bouwvlakken.

In de zonering wordt aangesloten bij de hoofdstructuur van het terrein. Deze wordt gevormd door en aantal lanen, bos en open ruimtes. De lanenstructuur op het terrein, gaat terug tot in de 19e eeuw en valt voor een deel samen met de hoofdontsluitingsstructuur. Een deel van de bomen langs de lanen is onlangs verjongd. De hoofdontsluitingsweg ligt als een lus in het terrein. Deze lus is aangelegd tussen 1955 en 1975 en dient sinds die tijd als drager van de structuur van clustervormige bebouwing. De Arckelaan en de Kampheuvellaan vormen als lange assen de verbinding met het dorp Hoenderloo. De grote open glooiende weide, loopt af naar het dorp en geeft een spectaculair zicht op de kern van Hoenderloo. De driehoekige ruimte tussen de Laan van Eikenhof en de Nijengaardeweg biedt ruimte aan een boerderij en groenvoorzieningen.


In de zonering wordt uitgegaan van een hoofdindeling met ruimte voor intensieve bebouwing, die is gekoppeld aan de hoofdontsluitingsweg in het centrale deel. Aansluitend op de bestaande voorzieningen wordt ruimte geboden aan nieuwe ontwikkelingen. Binnen het centrale deel van de lus wordt een deel van de bestaande groenstructuur beschermd, vanwege natuurwaarden maar ook als groene rugdekking voor de bebouwing.


De flanken van het terrein aan de oost- en westzijde, vallen in het bosrijke en daarmee meer kwetsbare deel (krijgen relatief beperkte bebouwingsmogelijkheden. Hier is de bebouwing verspreid en in een lagere dichtheid.

Aan de zuidzijde van de verlengde laan van Eikenhof zijn vanwege de zichtbaarheid over het grote veld de mogelijkheden beperkt en moet heel zorgvuldig worden ingepast.
In het centrale deel zijn de bestaande waardevolle bosdelen uitgesloten van bebouwing.

De lanen, die voor een deel samenvallen met de hoofdontsluiting voor autoverkeer, krijgen een aparte aanduiding en worden te allen tijde vrijgehouden van bebouwing.