direct naar inhoud van 2.3 Rijksbeleid
Plan: Dorp Hoenderloo
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0200.bp1128-ont1

2.3 Rijksbeleid

2.3.1 Samenvatting integraal ruimtelijk beleid

Het ruimtelijk beleid op rijksniveau is vastgelegd in de Nota Ruimte. Deze nota bevat de visie van het kabinet op de ruimtelijke ontwikkeling van Nederland en bevat de ruimtelijke bijdrage aan een sterke economie, een veilige en leefbare samenleving en een aantrekkelijk land.


De Veluwe is in de Nota Ruimte binnen de Nationale Ruimtelijke Hoofdstructuur opgenomen als natuurgebied. De nationale ruimtelijke hoofdstructuur omvat gebieden en netwerken, die voor de ruimtelijke structuur en het functioneren van Nederland van grote betekenis zijn. De Veluwe is tevens aangewezen als Nationaal Landschap.


Het nationaal ruimtelijk beleid voor water en groene ruimte richt zich op borging en ontwikkeling van natuurwaarden, de ontwikkeling van landschappelijke kwaliteit en van bijzondere, ook internationaal erkende, landschappelijke en cultuurhistorische waarden. Tevens is borging van veiligheid tegen overstromingen, voorkoming van wateroverlast en watertekorten en verbetering van water- en bodemkwaliteit van groot belang. Provincies en gemeenten zijn in belangrijke mate verantwoordelijk voor de verdere vormgeving en realisering van het ruimtelijk beleid in het buitengebied. Het rijk heeft speciale aandacht voor het hoofdwatersysteem, de Ecologische Hoofd Structuur en de natuurbeschermingswetgebieden. Hetzelfde geldt voor de nationale landschappen, de Werelderfgoedgebieden en de greenports.

In de Algemene Maatregel van Bestuur Ruimte worden spelregels en inhoudelijke regels gesteld voor het handelen van medeoverheden. Hiermee wordt concreet invulling gegeven aan het uitgangspunt van de Nota Ruimte: 'centraal wat moet, decentraal wat kan'. In de AMvB Ruimte worden de regels ter bescherming van de kwetsbare gebieden van nationaal en internationaal belang vastgelegd, dus voor de Ecologische Hoofd Structuur en de nationale landschappen. Naast de regels die voor heel Nederland gelden, zullen ook een beperkt aantal specifieke regels uit de andere geldende Planologische Kern Beslissingen (PKB) in de AMvB Ruimte worden opgenomen.


Een nieuwe structuurvisie en besluit zijn in voorbereiding. Momenteel bevinden de structuurvisie Infrastructuur en Ruimte en het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening zich in de ontwerp-fase. Belangrijke doelstellingen hieruit zijn:

  • Ruimte voor behoud en versterking van (inter)nationale unieke cultuurhistorische en natuurlijke kwaliteiten.
  • Ruimte voor een nationaal netwerk van natuur voor het overleven en ontwikkelen van flora- en Faunasoorten.

Nationaal landschap

De Veluwe is aangewezen als Nationaal Landschap. Als kernkwaliteiten van de Veluwe worden genoemd: het schaalcontrast van zeer open naar besloten, de actieve stuifzanden en de grote en aaneengeslotenheid van bos.

Nationale landschappen zijn gebieden met internationaal zeldzame of unieke en nationaal kenmerkende landschapskwaliteiten, en in samenhang daarmee bijzondere natuurlijke en recreatieve kwaliteiten. Landschappelijke, cultuurhistorische en natuurlijke kwaliteiten van nationale landschappen moeten behouden blijven, duurzaam beheerd en waar mogelijk worden versterkt. In samenhang hiermee zal de toeristisch-recreatieve betekenis moeten toenemen. Binnen nationale landschappen is daarom 'behoud door ontwikkeling' het uitgangspunt voor het ruimtelijk beleid. De landschappelijke kwaliteiten zijn medesturend voor de wijze waarop de gebiedsontwikkeling plaatsvindt. Uitgangspunt is dat de nationale landschappen zich sociaal-economisch voldoende moeten kunnen ontwikkelen, terwijl de bijzondere kwaliteiten van het gebied worden behouden of worden versterkt.


In integrale uitvoeringsprogramma's van de nationale landschappen is specifiek aandacht nodig voor grondgebonden landbouw, natuur, toerisme en recreatie.

In het nationaal landschap Veluwe ligt een reconstructieopgave in het kader van de Reconstructiewet concentratiegebieden (bescherming ammoniakuitstoot). Op de Veluwe is extra aandacht nodig voor de uitplaatsing of een betere inpassing van recreatiebedrijven.

2.3.2 Natura 2000

Natura 2000 is een Europees netwerk van beschermende natuurgebieden. De belangrijkste natuurgebieden in Europa zijn aangewezen en moeten uiteindelijk een netwerk gaan vormen. Een eenmaal aangewezen Natura 2000-gebied blijft in principe als natuurgebied bestaan. Twee Europese richtlijnen liggen ten grondslag aan het netwerk, namelijk de Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn.


Middels de Vogelrichtlijn moeten Europese lidstaten zorgen voor de bescherming, instandhouding en herstel van de leefgebieden van zeldzame vogels. Hiervoor worden 'speciale beschermingszones' ingesteld. Via de Habitatrichtlijn worden natuurlijke leefgemeenschappen van zeldzame plant- en diersoorten beschermd. Ook hiervoor worden 'speciale beschermingszones' aangewezen.


De bedoelde beschermingszones zijn opgenomen binnen de Natura-2000 gebieden. Voor het plangebied is het Natura-2000 Veluwe gebied relevant; dit gebied is zowel vanuit de Vogel- als Habitatrichtlijn beschermd. De bescherming van de Natura-2000 gebieden is geregeld in de Natuurbeschermingswet.


De bosgebieden rondom Hoenderloo vallen onder het Natura 2000-gebied 'Veluwe' en vallen daarmee deels ook binnen het plangebied.

2.3.3 Ecologische Hoofdstructuur

De basis voor het afwegingskader van de EHS zijn de Nota Ruimte en het provinciale beleid. Daarnaast hebben Rijk en provincies een beleidskader Spelregels EHS opgesteld. De EHS beoogt de realisatie van een samenhangend netwerk van natuurgebieden en verbindingszones.


De bescherming van de Ecologische Hoofdstructuur vindt plaats door het zogenaamde 'nee, tenzij-regime' afkomstig uit de Nota Ruimte. Dit betekent dat nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen binnen de EHS niet mogelijk zijn als daarmee de wezenlijke kenmerken of waarden van het gebied significant worden aangetast, tenzij er geen reële alternatieven zijn en er sprake is van redenen van groot openbaar belang.In de Ruimtelijke verordening van de provincie Gelderland wordt bij dit regime aangesloten. Zo bepaald artikel 19.1 van de Ruimtelijke verordening dat in een bestemmingsplan, voor een gebied gelegen binnen de EHS, geen bestemmingen mogen worden toegestaan waardoor de wezenlijke kenmerken of waarden van het gebied significant worden aangetast.


Grote delen van Hoenderloo maken deel uit van de EHS.

2.3.4 Modernisering Monumentenzorg

In november 2009 stemde de Tweede Kamer in met de beleidsbrief Modernisering van de Monumentenzorg. Deze beleidsbrief geeft de nieuwe visie van het Rijk op de monumentenzorg weer. De nieuwe visie rust op drie pijlers:

  • 1. cultuurhistorische belangen meewegen in de ruimtelijke ordening;
  • 2. krachtiger en eenvoudige regels;
  • 3. herbestemmen van cultuurhistorisch waardevolle panden die hun functie verliezen.

Met de eerste pijler wordt ingezet op het bestemmingsplan als belangrijk instrument om cultuurhistorische waarden in een gebied te beschermen. Een goede ruimtelijke ordening betekent dat er een integrale afweging plaatsvindt van alle belangen die effect hebben op de kwaliteit van de ruimte. Cultuurhistorie is één van die belangen. Dit nieuwe beleid vormt een belangrijke aanvulling op de sectorale bescherming van monumenten. Op deze manier is een meer gebiedsgerichte benadering mogelijk.

Het Rijk wil deze nieuwe visie implementeren door in het Besluit ruimtelijke ordening een verplichting op te nemen om in het bestemmingsplan rekening te houden met cultuurhistorische waarden. Daarnaast zal het Rijk, aanvullend op de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte, een visie op het cultureel erfgoed opstellen. Deze visie geeft aan hoe het Rijk het onroerend cultureel erfgoed borgt in de ruimtelijke ordening, welke prioriteiten het daarbij heeft en hoe het wil samenwerken met publieke en private partijen. Vanuit een brede erfgoedvisie wordt ingezoomd op de meest actuele en urgente opgaven van nationaal belang.