direct naar inhoud van 2.5 Ruimtelijke Verordening Gelderland
Plan: Bestemmingsplan Klarenbeekseweg 8-13-15 Klarenbeek
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0200.bp1127-ont1

2.5 Ruimtelijke Verordening Gelderland

Op grond van artikel 4.1 Wro kunnen, indien provinciale belangen dat met het oog op een goede ruimtelijke ordening noodzakelijk maken, bij of krachtens provinciale verordening regels worden gesteld omtrent de inhoud van bestemmingsplannen en omtrent de daarbij behorende toelichting.


Op 15 december 2010 hebben provinciale staten van Gelderland de Ruimtelijke Verordening Gelderland vastgesteld. In de toelichting hebben provinciale staten aangegeven wat de strekking van de verordening is. "In deze verordening zijn regelingen opgenomen waarvan Provinciale Staten van mening zijn dat de provincie verantwoordelijk is voor de doorwerking daarvan. De verordening vormt een beleidsneutrale vertaling van reeds vastgesteld ruimtelijk beleid. Dit betekent dat deze verordening geen beleidswijzigingen bevat. Onder de Wro heeft de provincie geen bemoeienis meer met lokale belangen. Gemeenten worden nu vrij gelaten de lokale aspecten naar eigen inzicht te regelen. Daarnaast zijn regelingen opgenomen die naar de mening van het Rijk door de provincies nader moeten, dan wel kunnen worden uitgewerkt in een provinciale verordening. Dit vloeit voort uit de concept-AMvB Ruimte."

Op grond van artikel 2.3 van de verordening kan, in afwijking van artikel 2.2, nieuwe bebouwing ten behoeve van wonen en werken mogelijk gemaakt worden:

  • indien de nieuwe bebouwing functioneel gebonden is aan het buitengebied;
  • in geval van functieverandering naar een niet-agrarische functie (onder voorwaarden);
  • bij oprichting van nieuwe landgoederen (onder voorwaarden);
  • ten behoeve van uitbreiding van bestaande niet-agrarische bedrijvigheid tot een maximum van 20% van het bebouwd oppervlak, met dien verstande dat de maximale bedrijfsoppervlakte na uitbreiding niet groter is dan 375 m2.

Het plangebied waar het bestemmingsplan betrekking op heeft, ligt buiten de in artikel 2.2 van de verordening genoemde gebieden. Bovendien maakt het plan een uitbreiding mogelijk van een bestaand niet-agrarisch bedrijf welke de toegestane uitbreidingsgrens van 20% en het maximale bedrijfsoppervlak na uitbreiding van 375 m2 overschrijdt. Artikel 2.5 van de verordening voorziet in een ontheffingsmogelijkheid om buiten deze gebieden te bouwen en een grotere uitbreidingsoppervlakte te realiseren. Het verlenen van een ontheffing is enkel mogelijk wanneer is aangetoond dat de ontwikkeling redelijkerwijs niet kan worden gerealiseerd binnen de genoemde gebieden, en indien de ontwikkeling bijdraagt aan de verbetering van de ruimtelijke kwaliteit. Ten aanzien van het bovenstaande heeft Gedeputeerde Staten van Gelderland besloten, dit op verzoek van de gemeente Apeldoorn, een ontheffing van de Ruimtelijke Verordening Gelderland te verlenen.