direct naar inhoud van 3.4 Natuurwaarden
Plan: Bestemmingsplan Beekbergen en Lieren
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0200.bp1090-ont1

3.4 Natuurwaarden

Beide dorpen liggen in de directe nabijheid van de Ecologische Hoofdstructuur. Deze EHS is gelegen in het bosgebied rondom Beekbergen. Verder begint ten oosten van Lieren de Beekbergse Poort. De Beekbergse Poort is een uniek gebied met bijzondere landschappelijke en cultuurhistorische kwaliteiten en hoge natuurwaarden. In delen ervan is de ruimtelijke inrichting verrommeld en komt een mindere waterkwaliteit voor. De verstedelijking dringt het gebied binnen en tast de landelijkheid aan en maakt het voor groene dragers, zoals landbouw, natuur en landgoederen, steeds moeilijker. Door aanleg van wegen en bebouwing ontstaan ook barrières. Dit leidt tot een versnippering van de groene gebieden en een steeds grotere afstand tussen de natuurgebieden onderling. Hierdoor zijn de verschillende landschapstypen steeds moeilijker van elkaar te onderscheiden. Verder is het noodzakelijk om de kwaliteit van bestaande natuurgebieden te verbeteren.


Het doel van het programma Beekbergse Poort is om te komen tot een ruimtelijke en kwalitatieve verbetering van het gebied door:

  • het versterken van de ecologische variatie;
  • het realiseren van ecologische verbindingszones;
  • het verbeteren en ontwikkelen van kwelgebonden natuurwaarden.

De voorkomende natuurwaarden in de kernen zijn met name gekoppeld aan de grotere structurerende elementen. Tevens zijn de beken en sprengen, die veelal zijn omringd door zware groenstroken, houtwallen en bosjes, landschappelijk en ecologisch belangrijk. Met name zijn hier vogels (onder meer de ijsvogel), vissen en kleine zoogdieren te vinden, maar ook bijzondere flora.

Bijzondere bomen

De gemeente Apeldoorn heeft alle bijzondere bomen (zowel gemeentelijke als particulier) geïnventariseerd. De door de gemeente Apeldoorn aangewezen "bijzondere bomen", ofwel waardevolle bomen in het plangebied zullen worden aangeduid op de verbeelding.

In de Algemene Plaatselijke Verordening is kort samengevat het volgende bepaald:

  • het is verboden zonder vergunning houtopstand te vellen;
  • B&W kunnen de kapvergunning weigeren dan wel onder regels verlenen in het belang van onder meer cultuurhistorische waarden en waarden van stads- en dorpsschoon,
  • B&W kunnen een herplantingsplicht opleggen, en
  • geen vergunning tot velling van bijzondere bomen wordt afgegeven, tenzij sprake is van een ernstige bedreiging van de openbare veiligheid, noodtoestand of andere uitzonderlijke situatie.


Dit biedt reeds een aanzienlijke bescherming van de bestaande bijzondere bomen. Aanvullend wordt ter bescherming van de bijzondere bomen in de algemene bepalingen omtrent het bebouwen van de grond bovendien een extra regeling in het bestemmingsplan opgenomen. Waar de aanduiding "bijzondere boom" voorkomt, dient de afstand van bebouwing tot het hart van deze boom ten minste 10 m te bedragen, met ontheffing kan deze afstand verkleind worden tot 5 m. Verder wordt een aantal werken en werkzaamheden (aanleggen verhardingen, aanbrengen ondergrondse leidingen, beschadiging van bomen) binnen een afstand van 5 m van bijzondere bomen aanlegvergunningplichtig gemaakt.