direct naar inhoud van 2.1 Provinciaal beleid
Plan: Bestemmingsplan Woudweg 63 Klarenbeek
Status: onherroepelijk
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0200.bp1085-onh1

2.1 Provinciaal beleid

Het Streekplan Gelderland 2005 (vastgesteld op 29 juni 2005) is er op gericht de verschillende functies in regionaal verband een zodanige plek te geven dat de ruimtelijke kwaliteiten worden versterkt en er zuinig en zorgvuldig met de ruimte wordt omgegaan. Naast het generieke beleid, het beleid dat geldt voor de gehele provincie, wordt in het streekplan dan ook uitvoering gegeven op het regio specifieke beleid.

Generiek beleid

Hoofddoel van het streekplanbeleid is het scheppen van ruimte voor de verschillende ruimtevragende functies op het beperkte oppervlak. Om krachtige steden en vitale regio's te bevorderen zijn de belangrijkste uitgangspunten 'bundeling van verstedelijking aan/nabij infrastructuur' en het 'organiseren in stedelijke netwerken'. Bundelingsbeleid is een centraal uitgangspunt voor de wijze waarop in het Gelders ruimtelijk beleid wordt omgegaan met verstedelijking. Bundeling in Gelderland heeft met name de volgende doelen:

  • handhaving/versterking van de economische en culturele functie van de steden;
  • behoud/versterking van het draagvlak voor stedelijke voorzieningen;
  • optimale benutting van infrastructuur, kansen voor openbaar vervoer en fietsgebruik.

Zowel in nieuw als in bestaand bebouwd gebied streeft de provincie naar een duurzaam watersysteem. Het water in de stad wordt met het omringend watersysteem als één geheel beschouwd. Nadelige effecten op de waterhuishouding moeten in beginsel worden voorkomen.

Specifiek beleid: functieverandering

In het streekplan is behalve generiek beleid ook specifiek beleid opgenomen. Een deel van het specifieke beleid is gewijd aan het onderwerp functieverandering in het buitengebied. Op pagina 99 van het streekplan staat: "De regio Stedendriehoek wordt de mogelijkheid geboden om in regionaal verband een alternatief beleid te ontwikkelen voor functieverandering van gebouwen in het buitengebied [...]." De regio heeft dit beleid inderdaad ontwikkeld. Op 15 juli 2008 is het beleidsdocument "Waar de stallen verdwijnen: Oude erven, nieuwe functies. Beleidskader functieverandering van vrijkomende agrarische gebouwen" vastgesteld door de gemeenten Apeldoorn, Brummen, Lochem, Voorst en Zutphen.

In dit beleidsdocument zijn de volgende voorwaarden gegeven voor functieverandering in het algemeen en voor - onder meer - het hergebruik van vrijkomende agrarische bebouwing voor 'werken' en 'wonen en werken':

- Algemene voorwaarden voor functieverandering:

Functieverandering is alleen van toepassing op fysiek bestaande, legale vrijgekomen (en ook vrijkomende) gebouwen die gelegen zijn in het buitengebied. De regeling voor functieverandering geldt niet alleen voor vrijkomende agrarische bedrijfsgebouwen (met een agrarische bestemming), maar ook voor eerder vrijgekomen agrarische bedrijfsgebouwen waarvan de bestemming reeds is omgezet in bijvoorbeeld een woonbestemming. Overtollige gebouwen wordt gesloopt met uitzondering van monumentale en karakteristieke gebouwen. Een bepaald percentage van het gesloopte oppervlak mag worden teruggebouwd. Als het daarbij om nieuw te bouwen woningen gaat, geldt een maximum inhoudsmaat van 600 m3voor het hoofdgebouw en 300 m3 of 75 m2 voor de bijgebouwen. De functieverandering van gebouwen wordt geëffectueerd door bestemmingswijziging van het gehele voormalige perceel en verkleining van het bouwvlak. Met beeldkwaliteitsplannen wordt door de gemeenten de verschijningsvorm van de functieveranderingen afgestemd op de omgeving. In alle gevallen dient functieverandering gepaard te gaan met - naast sloop - een vorm van verevening 'van rood naar groen': een bijdrage aan de kwaliteit van de omgeving. Voor monumenten en karakteristieke bebouwing wordt altijd maatwerk geleverd.

Kader voor de beoordeling

Het kader voor de beoordeling en regeling van transformatie van de Woudweg 63 wordt gevormd door het (hierboven aangehaalde) specifieke functieveranderingsbeleid. Het specifieke functieveranderingsbeleid gaat uit van maatwerk ingeval van monumenten en karakteristieke bebouwing.