direct naar inhoud van 4.2 Bodem
Plan: Buitengebied Noord-Oost
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0200.bp1044-ont2

4.2 Bodem

Onderzocht moet worden of de bodem verontreinigd is en wat voor gevolgen een eventuele bodemverontreiniging heeft voor de uitvoerbaarheid van het plan. Een nieuwe bestemming mag pas worden opgenomen als is aangetoond dat de bodem geschikt (of geschikt te maken) is voor de nieuwe of aangepaste bestemming. Wanneer (een deel van) de bodem in het plangebied verontreinigd is, moet worden aangetoond dat het bestemmingsplan, rekening houdend met de kosten van sanering, financieel uitvoerbaar is. Bodemonderzoeken mogen niet meer dan 5 jaar oud zijn. Indien er sprake is van bouwactiviteiten, is ook in het kader van de bouwvergunning onderzoek naar de kwaliteit van de bodem nodig. In de praktijk worden deze onderzoeken vaak gecombineerd.

BODEM EN GRONDWATER

In de gemeentelijke bodemkwaliteitskaart wordt de gemiddelde bodemkwaliteit van de gemeente Apeldoorn beschreven. Het betreft hier de bodemkwaliteit die niet is beïnvloed door lokale verontreinigingen (puntbronnen) of andere bijzondere omstandigheden. Dit wordt de diffuse bodemkwaliteit genoemd. Uit de kaarten blijkt dat de bodem in het plangebied schoon is te noemen.

Op basis van de provinciale kaarten ten aanzien van bodemverontreiniging blijkt dat er diverse kleinere mogelijk verontreinigde locaties zijn. Deze locaties worden nader onderzocht volgens de provincie.

Conclusie

Aangezien geen sprake is van nieuwe ontwikkelingen is bodemonderzoek voor dit bestemmingsplan niet noodzakelijk.