direct naar inhoud van 5.4 Cultuurhistorie
Plan: Beekbergen Inbreidingslocaties
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0200.bp1004-vas1

5.4 Cultuurhistorie

5.4.1 Cultuurhistorische waarden

De verschillende plangebieden liggen in een gebied dat op de Cultuurhistorische beleidskaart, vastgesteld d.d. 26 februari 2006, is aangemerkt als een gebied met een hoge attentiewaarde. Dit betekent dat bij ruimtelijke ontwikkelingen een cultuurhistorisch onderzoek verplicht is. Daarnaast wordt gestreefd naar behoud, herstel en versterking van de cultuurhistorische waarde.

De gemeente heeft een cultuurhistorische analyse van het gebied beschikbaar: Beekbergen en Lieren cultuurhistorische analyse, september 2009.

Voor de planlocaties aan de Arnhemseweg, Dorpstraat en Wolterbeeklaan geldt dat er geen cultuurhistorische waarde aanwezig is. Het zijn inbreidingslocaties, die door de ontwikkeling een goede ruimtelijke uitstraling krijgen. Ook liggen in de nabijheid geen belangrijke cultuurhistorische waardevolle elementen die aangetast zouden worden door de bouw van de woningen. De woningen sluiten aan op de bestaande omgeving.

De planlocatie Voorste Kerkweg ligt naast de Voorste Kerkweg 1, dat volgens de cultuurhistorische analyse is aangemerkt als waardevol object. Qua situering wordt aansluiting gezocht bij het bestaande lint. De bouw van de woning zal de cultuurhistorische waarde van het gebied en het object niet aantasten.

Voor de planlocatie aan de Holleweg geldt dat het vanuit cultuurhistorisch oogpunt zorg moet worden gedragen voor een goede landschappelijke inpassing van de nieuw te bouwen woning en bijgebouw. Kenmerkend voor Beekbergen zijn de enken. Belangrijke kenmerken van de enk nabij de Holleweg is de openheid en de zichtlijnen die de verschillende ruimten met elkaar verbinden. Door de locatie zelf open te houden en de bebouwing te concentreren wordt de openheid van de enk versterkt en de opnamecapaciteit van het landschap voor bebouwing vergroot. De bebouwing sluit aan bij de bebouwing aan de overkant van de Holleweg zodat de open ruimten behouden blijven. Door een nieuwe groenstructuur wordt een groen eilandje gecreëerd en de kleinschaligheid rondom de Holleweg benadrukt. De zichtrelatie tussen de open ruimten wordt gehandhaafd.

afbeelding "i_NL.IMRO.0200.bp1004-vas1_0009.png"

Figuur 5: Inrichtingsschets Holleweg

5.4.2 Archeologische waarden
5.4.2.1 Algemeen

Op grond van de archeologische waardenkaart wordt onderscheid gemaakt tussen gebieden met een lage, middelhoge of hoge trefkans.

Op grond van de kaart blijkt dat de locaties Arnhemseweg, Voorste Kerkweg en Wolterbeeklaan zich bevinden in een gebied met een hoge trefkans. De locatie Holleweg bevindt zich voor het overgrote deel in een gebied met een middelhoge trefkans, de noordoostelijke top ligt in een gebied met lage trefkans. Tot slot bevindt de locatie Dorpstraat zich in een gebied met een middelhoge tot hoge trefkans. Archeologisch onderzoek is noodzakelijk voor alle locaties. Dit onderzoek heeft inmiddels plaatsgevonden. De onderzoeksresultaten worden in deze paragraaf besproken.

afbeelding "i_NL.IMRO.0200.bp1004-vas1_0010.jpg"

Figuur 6: Archeologische waardenkaart met in oranje gebieden met een hoge trefkans, in geel gebieden met een middelhoge trefkans en in groen gebieden met een lage trefkans.

5.4.2.2 Onderzoeksresultaten

In de rapportage d.d. 29 juli 2010, opgesteld door Becker & Van de Graaf bv en opgenomen in bijlage 13 van de Bijlagen bij de toelichting, is een archeologisch bureauonderzoek en een inventariserend veldonderzoek verkennende fase door middel van boringen uitgevoerd.

Uit het onderzoek blijkt dat gezien de afzetting van de top van het dekzand gedurende de laatste fasen van de Weichselien bewoning vanaf het Laat-Paleolithicum plaats kan hebben gevonden op het dekzand in de verschillende plangebieden.

Het plangebied aan de Wolterbeeklaan is gelegen aan de rand van een beekdalgebied van de Oude Beek, gelegen ten noorden van het plangebied. Boringen in het noorden van dit gebied tonen aan dat de bodem verstoord was tot een diepte van 120-150 cm-mv. De boringen in het zuiden van dit gebied en in de andere plangebieden hebben aangetoond dat podzolbodems zich hier in het verleden in het dekzand hebben gevormd, maar dat de top van deze bodems (de A en mogelijk E horizont) niet meer aanwezig zijn. Ten tijde van het opbrengen van het plaggendek (mogelijk vanaf de Late-Middeleeuwen) werd het gehele of een groot gedeelte van het plangebied gebruikt voor akkerbouw. Waarschijnlijk is de top van de podzolbodem hierbij verstoord geraakt door ploegen. Desondanks kunnen in alle plangebieden archeologische resten aanwezig zijn in of onder de nog aanwezige Bhs-horizonten van de podzolbodems. Dieper in het dekzand reikende grondsporen, zoals sporen van funderingspalen, waterputten en dergelijke, kunnen hier nog gevonden worden. Dit soort archeologische resten zijn gekoppeld aan meer sedentaire levenswijzen en dateren vanaf het Midden-Neolithicum.

Op basis van het bureauonderzoek en het veldonderzoek kunnen bewoningslagen vanaf de tweede helft van de 18e eeuw in het plangebied aan de Wolterbeeklaan en aan de Arnhemseweg voorkomen. Daarnaast is het mogelijk dat een aardewerk randfragment in het humeuze dek van één boring in het plangebied aan de Arnhemseweg aantoont dat bewoning hier of in de omgeving plaats heeft kunnen vinden in de 16e - 17e eeuw. Het kan echter ook gaan om potstalmest dat vermengt is geraakt met door mensen geproduceerd afval. Een mogelijk gebruik van de andere plangebieden als woongebied kan niet worden vastgesteld op basis van archeologisch vondstmateriaal of historisch kaartmateriaal.

In de plangebieden aan de Wolterbeeklaan, de Voorste Kerkweg, de Arnhemseweg en de Holleweg heeft lokale verstoring van de bodem en het eventuele bodemarchief plaatsgevonden binnen de plangebieden door de aanleg van velerlei kabels en leidingen. In het plangebied aan de Holleweg was in de noordoostelijke hoek een kuil gegraven die op die plek voor verstoring heeft gezorgd.

De bodem en de mogelijke archeologische waarden zullen in de plangebieden tot op onbekende diepte worden verstoord. Daarom wordt geadviseerd om in de plangebieden aan de Voorste Kerkweg, de Arnhemseweg, de Holleweg en de Dorpstraat en in het zuidelijk deel van het plangebied aan de Wolterbeeklaan archeologische maatregelen te nemen tenzij de bodem onverstoord blijft. Aanvullend archeologisch onderzoek is nodig om nader vast te kunnen stellen of en in hoeverre en exact waar archeologische vindplaatsen zich in het plangebied vinden.

Om de eventueel aanwezige archeologische waarden te beschermen is op de gronden aan de Arnhemseweg, Voorste Kerkweg, Wolterbeeklaan en Dorpstraat de bestemming Waarde - Archeologie hoog toegekend. Aan de locatie Holleweg is de bestemming Waarde - Archeologie middelhoog toegekend. Hierbij moet opgemerkt worden dat het archeologisch onderzoek voor de Holleweg is uitgevoerd voor het naastgelegen perceel (kadastrale nr. 569). Gezien de uitkomsten van het onderzoek, aanwezigheid van een hoge zwarte enkeerdgrond, en geen noemenswaardige visueel waarneembare verschillen tussen de huidige woningbouwlocatie en de onderzochte locatie, is in overleg met de gemeentelijk archeoloog de conclusie getrokken dat, ook met deze wetenschap, een dubbelbestemming ‘waarden – archeologie –middelhoog’ moet worden toegekend.