direct naar inhoud van Artikel 19 Aanlegvergunning
Plan: Bestemmingsplan Landbouwontwikkelingsgebied Beemte-Vaassen
Status: voorontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0200.bp1063-von2

Artikel 19 Aanlegvergunning

19.1 Vergunningplicht

Het is verboden op de in dit artikel bedoelde gronden zonder of in afwijking van een door burgemeester en wethouders verleende vergunning de hierna genoemde werken en werkzaamheden uit te voeren. Bij het verlenen van de vergunning wordt getoetst aan de in onderstaand schema bij de desbetreffende werken en werkzaamheden aangegeven specifieke beoordelingscriteria en aan de in lid 19.3 opgenomen algemene beoordelingscriteria.

Bestemming / aanduiding   Werken en werkzaamheden   Specifieke beoordelingscriteria
 
Bestemming
Agrarisch  
het binnen een afstand van 50 m vanuit woningen en recreatievoorzieningen aanbrengen van boomgaarden en het uitoefenen van intensieve teelten, behoudens vervanging van boomgaarden   - er worden geen chemische bestrijdingsmiddelen gebruikt dan wel er worden zodanige voorzieningen getroffen dat zich geen chemische bestrijdingsmiddelen buiten de boomgaard c.q. het betreffende bouwperceel kunnen verspreiden;  
Bestemming Natuur   het egaliseren, ophogen, verharden en afgraven van gronden   - de aanwezige differentiatie in abiotische milieuomstandigheden blijft behouden;
- de aanwezige hoogteverschillen blijven behouden;
- de bestaande kwetsbare vegetaties blijven behouden
- de werken en werkzaamheden zijn noodzakelijk voor het agrarisch gebruik van de gronden;  
Bestemming Natuur   het uitvoeren van werken en werkzaamheden die de waterhuishouding, zoals de wateraan- en afvoer, beïnvloeden door bemaling en onderbemaling, het draineren van gronden, het verbreden en verdiepen, verbeteren en dempen van watergangen en greppels, en het slaan van putten   - de hoge grondwaterstanden alsmede het optreden van kwel blijven behouden;
- de differentiatie in abiotische milieuomstandigheden blijft behouden;
- de waterkwaliteit blijft behouden;
- de morfologie beken en waterlopen blijft behouden;
- de bestaande kwetsbare vegetaties blijven behouden;  
Bestemming Natuur   het verharden van bestaande onverharde wegen en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen   - de recreatieve betekenis en het landelijke karakter blijven behouden;
- de werken en werkzaamheden zijn noodzakelijk voor het op de bestemming gerichte beheer en gebruik;
- de infiltratie in de bodem blijft behouden;  
Bestemming Natuur   het aanbrengen van ondergrondse leidingen   - aanwezige kwetsbare vegetaties blijven behouden;
- de recreatieve betekenis blijft behouden;
- de ondergrondse leidingen zijn noodzakelijk voor het terreinbeheer dan wel het openbaar nut;  
Bestemming Natuur   het vellen of rooien van bomen, hakhout, houtwallen en andere houtopstanden en het verrichten van handelingen die de dood of ernstige beschadiging van houtopstanden ten gevolge kunnen hebben, anders dan bij wijze van
verzorging van houtopstanden, één en ander indien en voor zover de Boswet niet van toepassing is  
- het kappen is noodzakelijk voor het beheer van de gronden;
- er treedt geen significant negatief effect op voor de aanwezige waarden;  
Aanduiding 'open landschap'   de aanleg van beplanting hoger dan 2 m   - er wordt aangesloten bij bestaande massa's (bebouwing en beplanting) waardoor bestaande open enken open blijven;
- er wordt geen aaneengesloten beplanting (bijv. bos, boomgaard, kwekerij) aangelegd;  
Bestemming Water   het dempen, graven, vergraven, verleggen, afdammen of herprofileren van waterlopen, watergangen en/of waterpartijen   - de waterhuishoudkundige situatie met betrekking tot de waterkwaliteit en –kwantiteit wordt niet onevenredig aangetast;
- bij de waterbeheerder is advies ingewonnen omtrent de vraag of door de ingreep het waterhuishoudkundig belang niet onevenredig wordt aangetast alsmede omtrent eventueel aan de vergunning te verbinden voorwaarden.  

19.2 Uitzonderingen vergunningplicht

Het in lid 19.1 opgenomen verbod geldt niet:

  • a. voor werken en werkzaamheden in het kader van het normale beheer en onderhoud, waaronder werken en werkzaamheden die plaatsvinden in het kader van een normale agrarische bedrijfsexploitatie zoals spitwerkzaamheden, met dien verstande dat kwekerijen en boomgaarden niet onder normale agrarische bedrijvigheid worden begrepen, en werken en werkzaamheden die plaatsvinden in het kader van het bos- en natuurbeheer, waaronder mede begrepen houtproductie in de vorm van uitdunning van bos;
  • b. voor werken en werkzaamheden waarmee is of mag worden begonnen op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan;
  • c. voor werken en werkzaamheden die in redelijkheid slechts kunnen worden aangemerkt als zijnde van zodanig ondergeschikte aard en omvang dat enige wezenlijke invloed op de betreffende waarde en functies niet te verwachten is;
  • d. voor werken en werkzaamheden die plaatsvinden binnen een afstand van 10 m uit bestaande gebouwen;
  • e. voor werken en werkzaamheden die de waterhuishouding beïnvloeden, zoals wateronttrekking, voor zover daarvoor een vergunning vereist is krachtens artikel 14 van de Grondwaterwet;
  • f. voor werken en werkzaamheden die de waterhuishouding beïnvloeden, zoals het onttrekken van oppervlaktewater, voor zover daarvoor een vergunning is vereist krachtens artikel 24 van de Wet op de Waterhuishouding of voor zover deze worden uitgevoerd door of vanwege het waterschap;
  • g. voor werken en werkzaamheden die plaatsvinden in het kader van een door gedeputeerde staten goedgekeurd natuurontwikkelingsplan.

19.3 Algemene beoordelingscriteria

Werken en werkzaamheden als bedoeld in lid 19.1 zijn slechts toelaatbaar, indien door die werken en werkzaamheden dan wel door de daarvan direct, hetzij indirect te verwachten gevolgen, één of meer waarden of functies van de in lid 19.1 bedoelde gronden, die het plan beoogt te beschermen, niet onevenredig worden of kunnen worden aangetast, dan wel de mogelijkheden voor het herstel van die waarde of functies niet onevenredig worden of kunnen worden verkleind.