direct naar inhoud van 6.2 De regels
Plan: Bestemmingsplan Herman Coertsweg 3 Beekbergen
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0200.bp1047-vas1

6.2 De regels

6.2.1 Inleidende regels

Hoofdstuk 1 van de regels geeft de inleidende regels. Het betreft de begripsregels, waarin de in het plan voorkomende begrippen worden gedefinieerd en de wijze van meten en berekenen wordt gegeven.

6.2.2 Regels omtrent gebruik en bebouwing van de grond

Hoofdstuk 2 bevat de bestemmingsregels. Hierin worden per bestemming regels gegeven voor gebruik en bebouwing van de grond. Deze bestemmingsregelingen worden hierna besproken.

Groen

Met de bestemming groen wordt het parkgebied aansluitend aan de nieuwe woning geregeld. Met uitzondering van (kleine) gebouwen voor nutsvoorzieningen, zijn hier bij recht geen gebouwen toegestaan. Wel toegestaan zijn bouwerken, geen gebouw zijnde ten dienste van de bestemming.

Verkeer - Verblijfsgebied

Met uitzondering van de parkzijde, krijgen de gronden rondom de nieuwe woningen de bestemming 'Verkeer - Verblijfsgebied'. De gronden krijgen een openbaar karakter en kennen een gemeenschappelijk gebruik. De toegang tot de gebouwde parkeervoorziening, die het plan omvat, loopt bijvoorbeeld over deze grond. Binnen deze bestemming zijn alleen bouwwerken, geen gebouw zijnde toegestaan.

Wonen

Met de bestemming 'Wonen' worden de nieuwe woningen mogelijk gemaakt. Met een bestemmingsvlak met een bouwvlak en de bouwaanduiding 'gestapeld' wordt het appartementengebouw mogelijk gemaakt. De geplande balkons vallen binnen het bouwvlak. Met het andere bestemmingsvlak inclusief bouwvlak en met de bouwaanduiding 'aaneengebouwd' worden de (park)woningen mogelijk gemaakt. In de regels is expliciet bepaald dat onder die woningen de geplande parkeervoorziening is toegestaan. Omdat bij de planuitwerking is uitgegaan van woningen met platte daken, worden in het plan alleen maximale bouwhoogte voorgeschreven en geen goothoogtes. Binnen het bouwvlak voor de (park)woningen zijn, teneinde een stedenbouwkundig verantwoord bouwvolume te laten ontstaan, de maximale bouwhoogte nader gespecifeerd met drie aanduidingen.

Wonen - Garageboxen

De (park)woningen krijgen bergingen die niet op de kavel zelf staan. Ten noorden van de (park)woningen komt een gebouw waarin de bergingen worden ondergebracht. Met de bestemming 'Wonen - Garageboxen' wordt in deze bergingen voorzien.

6.2.3 Algemene regels en overgangs- en slotregels

In hoofdstuk 3 (Algemene regels) zijn regels opgenomen die gelden voor alle bestemmingen. In artikel 8 zijn bouwregels opgenomen die voor alle bestemmingen gelden.

In lid 8.1 van dit artikel staat onder andere de bepaling over ondergronds bouwen opgenomen. Hierin is bepaald dat ondergronds bouwen is toegestaan waar ook bovengronds gebouwd mag worden.

Lid 8.2 bevat de afdekbepaling. Hier is bepaald dat, wanneer in het plan een maximale goothoogte is aangegeven, het gebouw vanaf die bouwhoogte dient te worden afgedekt met een kap. Deze bepaling impliceert dat een platte afdekking is toegestaan, mits dat platte dak niet hoger is dan de op dat punt geldende maximaal toegelaten goothoogte. In dit plan wordt voor de meeste gebouwen, overigens alleen een bouwhoogte voorgeschreven en geen goothoogte.

In artikel 11 staan de procedureregels die bij ontheffing en wijziging in acht genomen moeten worden. Artikel 12 tenslotte geeft een regeling voor verwijzingen naar andere wettelijke regelingen en plannen. De overige artikelen bevatten zeer bekende regels die geen nadere bespreking behoeven.

Hoofdstuk 4 bevat tot slot het overgangsrecht voor bouwwerken en gebruik en de titel van het bestemmingsplan.