direct naar inhoud van 6.2 De regels
Plan: Bestemmingsplan Beekbergen Klein Canada
Status: onherroepelijk
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0200.bp1018-onh1

6.2 De regels

6.2.1 Inleidende regels

Hoofdstuk 1 van de regels geeft de inleidende regels. Het betreft de begripsregels, waarin de in het plan voorkomende begrippen worden gedefinieerd, en de wijze van meten en berekenen.

6.2.2 regels omtrent gebruik en bebouwing van de grond

Hoofdstuk 2 bevat de bestemmingsregels. Hierin worden per bestemming regels gegeven voor gebruik en bebouwing van de grond. Deze bestemmingsregelingen worden hierna besproken.

Groen

De te handhaven delen van de groene randen om de locatie hebben de bestemming "Groen" gekregen, met nadere aanduiding "bos'. Deze bestemming richt zich in hoofdzaak op handhaving en bescherming van de aanwezige groenvoorzieningen.

In het plangebied bevindt zich een boom die door burgemeester en wethouders als monumentale boom is aangewezen. Monumentale bomen vinden hun voornaamste bescherming in de Algemene Plaatselijke Verordening, waarin is bepaald dat het verboden is om zonder vergunning bomen te kappen en dat er geen vergunning tot het kappen van bijzondere bomen wordt afgegeven, tenzij sprake is van een ernstige bedreiging van de openbare veiligheid, noodtoestand of andere uitzonderlijke situatie. Dit geheel biedt reeds een aanzienlijke bescherming van de monumentale bomen. In het bestemmingsplan is een aanvullende regeling opgenomen. De monumentale boom is op de plankaart aangegeven. In de voorschriften is bepaald dat, daar waar de aanduiding "monumentale boom" voorkomt, de afstand van bebouwing tot het hart van de boom ten minste 10 meter dient te bedragen. Onder voorwaarden kan een aanlegvergunning worden verleend voor het verkleinen van deze afstand tot 5 meter. Ter verdere bescherming van de boom is een aantal werken en werkzaamheden binnen een afstand van 5 meter van bijzondere bomen slechts toegestaan indien een aanlegvergunning is verleend.

Recreatie - Recreatiewoning

Ten behoeve van de vier zelfstandige recreatiewoningen is de bestemming "Recreatie-Reacreatiewoning" opgenomen. Uitgangspunt bij de bestemmingsregeling is het geldend recht (o.a. het aantal toegestane recreatiewoningen) en het specifieke provinciaal beleid (o.a. wat betreft de maximale inhoud) in deze geweest. Dit houdt onder andere in dat binnen het bestemmingsvlak acht recreatiewoningen zijn toegestaan.

Verkeer - Verblijfsgebied

Gebieden met een verblijfsgebiedfunctie hebben de bestemming "Verkeer - Verblijfsgebied" gekregen. Binnen deze bestemming zijn onder andere wegen, fiets- en voetpaden, parkeerplaatsen en groenvoorzieningen toegestaan.

Wonen

De woningen in het plangebied hebben de bestemming "Wonen" gekregen. Voor de woningen is op de plankaart een bebouwingsvlak gegeven. Door middel van een aanduidingslijn is aangegeven waar de grens tussen tuin en erf ligt. Deze grens is van belang voor de situering van bijgebouwen, aan- en uitbouwen en overkappingen. In de regels is namelijk bepaald dat deze bouwwerken niet op grond met de bestemming tuin mogen worden gebouwd. Ze zijn dus uitsluitend toegestaan binnen het bebouwingsvlak en op de erfbestemming. Door middel van een nadere code is onderscheid gemaakt tussen de verschillende bouwwijzen van de woningen. De code [vrij] staat voor vrijstaande woningen, de code [aeg] voor aaneengesloten woningen en de code [gs] voor gestapelde woningen.

De maximaal met bouwvergunningplichtige bijgebouwen, aan- en uitbouwen en overkappingen te bebouwen oppervlakte is afhankelijk van de kavelgrootte.

Bij recht is het gebruik van (een deel van) woning en bijgebouwen ten behoeve van beroepsuitoefening aan huis toegestaan. Daarbij worden enige beperkingen gesteld om ervoor te zorgen dat het woonkarakter van de woning het beroepsmatige gebruik blijft overheersen. Door middel van een ontheffing is ook het gebruik voor niet-publiekgerichte bedrijfsmatige activiteiten aan huis mogelijk. Ook hier gelden beperkingen om het woonkarakter te behouden. Alleen bedrijfsactiviteiten die voorkomen op de Lijst van toegelaten bedrijfsactiviteiten aan huis zijn toegestaan. Voor deze lijst is aansluiting gezocht bij de bedrijven die in de VNG-uitgave "Bedrijven en milieuzonering" als categorie 1-bedrijven zijn aangemerkt. Omdat het gaat om activiteiten in een woning op een relatief klein oppervlak is het aantal bedrijfsactiviteiten dat is toegelaten zeer beperkt gehouden. De regelingen voor beroeps- en bedrijfsmatig gebruik van de woning zijn opgenomen in artikel 6.5.

Waarde - Archeologie Hoog

Het hele bestemmingsplangebied heeft de dubbelbestemming "Waarde - Archeologie Hoog" gekregen. Dit is op de plankaart aangegeven conform de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen SVBP2008 (met een bepaalde kruisarcering). De dubbelbestemming "Waarde - Archeologie Hoog" dient ertoe om de ter plekke bestaande archeologische verwachtingswaarden te bescheremen. Daartoe worden het bouwen en het uitvoeren van werken en werkzaamheden (in en aan de grond) aan regels gebonden. De regels voor het bouwen sluiten aan op de bouwvergunningsprocedure, zoals geregeld in de Woningwet. De regels voor werken en werkzaamheden worden effectief gemaakt door middel van een aanlegvergunningsvereiste dat geldt voor werken en werkzaamheden van meer dan een bepaalde omvang en/of mate van ingrijpendheid.

6.2.3 Algemene regels en overgangs- en slotregels

In hoofdstuk 3 (Algemene regels) zijn regels opgenomen die gelden voor alle bestemmingen. In artikel 9 zijn bouwregels opgenomen die voor alle bestemmingen gelden. In lid 9.1 van dit artikel staat onder andere de bepaling over ondergronds bouwen opgenomen. Hierin is bepaald dat ondergronds bouwen in het hele plangebied is toegestaan waar bebouwing is toegestaan, behalve binnen het bestemmingsvlak Recreatie - Recreatiewoning, en alleen is toegestaan waar het gaat om ondergronds bouwen voor een functie die aan de bestemming gerelateerd is. In dit lid is ook een regeling opgenomen voor de bomen die door burgemeester en wethouders als bijzondere boom zijn aangewezen. Bijzondere bomen vinden hun voornaamste bescherming in de Algemene Plaatselijke Verordening, waarin is bepaald dat het verboden is om zonder vergunning bomen te kappen en dat er geen vergunning tot het kappen van bijzondere bomen wordt afgegeven, tenzij sprake is van een ernstige bedreiging van de openbare veiligheid, noodtoestand of andere uitzonderlijke situatie. Dit geheel biedt reeds een aanzienlijke bescherming van de bijzondere bomen. In het bestemmingsplan is een aanvullende regeling opgenomen. De bijzondere bomen zijn op de plankaart aangegeven. In de regels is bepaald dat, daar waar de aanduiding "bijzondere boom" voorkomt, de afstand van bebouwing tot het hart van de boom ten minste 10 meter dient te bedragen; onder voorwaarden kan ontheffing worden verleend voor het verkleinen van deze afstand tot 5 meter. Ter verdere bescherming van de bomen is een aantal werken en werkzaamheden binnen een afstand van 5 meter van bijzondere bomen slechts toegestaan indien een aanlegvergunning is verleend. Lid 9.3 bevat de afdekbepaling. Hier is bepaald dat, wanneer in het plan een maximale goothoogte is aangegeven, het gebouw vanaf die bouwhoogte dient te worden afgedekt met een kap. Deze bepaling impliceert dat een platte afdekking is toegestaan, mits dat platte dak niet hoger is dan de op dat punt geldende maximaal toegelaten goothoogte.

In artikel 10 staan de algemene gebruiksregels. Naast het verbod om grond en bouwwerken te gebruiken in strijd met de bestemming, bevat dit artikel ook regelingen voor beroeps- en bedrijfsmatig gebruik van woningen. Bij recht is het gebruik van (een deel van) woning en bijgebouwen ten behoeve van beroepsuitoefening aan huis toegestaan. Daarbij worden enige beperkingen gesteld om ervoor te zorgen dat het woonkarakter van de woning het beroepsmatige gebruik blijft overheersen. Door middel van een ontheffing is ook het gebruik voor niet-publiekgerichte bedrijfsmatige activiteiten aan huis mogelijk. Ook hier gelden beperkingen om het woonkarakter te behouden. Alleen bedrijfsactiviteiten die voorkomen op de lijst in bijlage 1 bij de regels zijn toegestaan. Voor deze lijst is aansluiting gezocht bij de bedrijven die in de VNG-uitgave "Bedrijven en milieuzonering" als categorie 1-bedrijven zijn aangemerkt. Omdat het gaat om activiteiten in een woning op een relatief klein oppervlak is het aantal bedrijfsactiviteiten dat is toegelaten zeer beperkt gehouden. In artikel 13 staan de procedureregels die bij ontheffing en nadere eisen in acht genomen moeten worden. Artikel 14 tenslotte geeft een regeling voor verwijzingen naar andere wettelijke regelingen en plannen. De overige artikelen bevatten zeer bekende regels die geen nadere bespreking behoeven.

Hoofdstuk 4 bevat tot slot de strafbepaling, het overgangsrecht voor bouwwerken en gebruik en de titel van het bestemmingsplan.