direct naar inhoud van 5.2 De regels
Plan: Bestemmingsplan Malkenschoten-Kayersmolen
Status: voorontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0200.bp1002-von1

5.2 De regels

5.2.1 Inleidende regels

Hoofdstuk 1 van de regels geeft de inleidende regels. In de inleidende regels worden de gehanteerde begrippen gedefinieerd en is de wijze van meten bepaald.

5.2.2 Bestemmingsregels

Hoofdstuk 2 bevat de bestemmingsregels. Hierin worden per bestemming regels gegeven voor gebruik en bebouwing van de grond. Deze bestemmingsregelingen worden hierna besproken.


Agrarisch

Op de gronden met de bestemming 'Agrarisch' zijn agrarische bedrijven met een voornamelijk grondgebonden agrarische bedrijfsvoering, toegestaan. De gronden mogen daarnaast, onder andere, worden gebruikt voor opslag, wegen en paden, groenvoorzieningen, recreatief medegebruik en water en waterhuishoudkundige voorzieningen. Voor de maatvoering van bouwwerken, geen gebouwen zijnde is een schema opgenomen.

Agrarisch-Viskwekerij

Op de gronden met de bestemming 'Agrarisch - Viskwekerij' zijn een viskwekerij en hengelvijver toegestaan. De gronden mogen daarnaast, onder andere, worden gebruikt voor opslag, wegen en paden, groenvoorzieningen en water en waterhuishoudkundige voorzieningen. Binnen de bestemming is één bedrijfswoning toegestaan.

Voor de maatvoering van gebouwen (en bijbehorende bijgebouwen) en bouwwerken, geen gebouwen zijnde is een schema opgenomen. In elk geval dienen gebouwen binnen het bouwvlak te worden gebouwd.

Bedrijf

De bedrijven die niet op het bedrijventerrein Malkenschoten of het bedrijventerrein Kayersmolen zijn gevestigd, hebben de bestemming 'Bedrijf'. Op de gronden met deze bestemming zijn vanwege de functiemenging in de directe nabijheid van de bedrijven slechts bedrijven in de milieucategorieën 1 en 2 toegestaan. In de regels wordt voor de bedrijfsactiviteiten van categorie 1 en 2 die zijn toegelaten, verwezen naar de Lijst van toegelaten bedrijfstypen die als bijlage bij de regels is opgenomen. In paragraaf4.2.1 is de milieuzoneringssystematiek verder besproken.

Ten opzichte van de basislijst van de VNG is de hier gehanteerde Lijst van toegelaten bedrijfstypen nader ingeperkt. Dit is gebeurd vanwege milieuhygiënische en planologische redenen. Ten eerste zijn er bedrijfstypen die wel op de basislijst van de VNG voorkomen maar die om planologische redenen niet een bedrijfsbestemming krijgen. Het gaat hier om detailhandels- en horecabedrijven (met uitzondering van cateringbedrijven), maatschappelijke dienstverlening en bepaalde sport- en recreatieactiviteiten. Omdat deze bedrijfstypen een heel andere uitstraling op de omgeving hebben dan gewone bedrijven worden hiervoor specifieke bestemmingen gebruikt. Ze zijn daarom niet in de Lijst van toegestane bedrijfstypen opgenomen. Ten tweede zijn er ook bedrijven die in deze buurt niet passen omdat er geen ruimte voor is of omdat de buurt zich er niet voor leent. Het gaat dan om land- en tuinbouw (een kleinschalig bedrijfsvorm als een hoveniersbedrijf is hier wel denkbaar en daarom wel in de Lijst opgenomen), zeevaart, binnenvaart, visserij, luchtvaart en delfstoffenwinning. Tot slot wordt om milieuhygiënische redenen de opslag van gevaarlijke stoffen hier niet wenselijk geacht en daarom uitgesloten. Ook geluidzoneringsplichtige bedrijven als bedoeld in artikel 2.4 van het Inrichtingen en vergunningenbesluit milieubeheer en risicovolle inrichtingen als bedoeld in het Besluit externe veiligheid inrichten zijn uitgesloten, omdat zij niet passen op relatief korte afstand van gevoelige functies zoals woningen.

Ter plaatse van de aanduiding is een bedrijfswoning toegestaan. Om alle twijfel weg te nemen, is bepaald dat beroepsuitoefening aan huis is toegestaan.

Door middel van het verlenen van een ontheffing kunnen ook bedrijven die niet voorkomen op de Lijst en bedrijven uit een hogere categorie dan bij recht is toegestaan worden toegelaten, mits ze naar aard en invloed op hun omgeving vergelijkbaar zijn met de bij recht toegestane bedrijven. In de daartoe opgenomen procedure van ontheffing kan worden bezien of de benodigde hinderbeperkende maatregelen mogelijk zijn (bijvoorbeeld in de vorm van nieuwe technieken). Criterium voor het verlenen van ontheffing is in dit geval dat de hinder die resulteert na het nemen van maatregelen niet groter is dan van de ter plekke wel bij recht toegelaten bedrijven zou kunnen worden verwacht.

Bedrijf-Kermisexploitatiebedrijf

De gronden met de bestemming 'Bedrijf-Kermisexploitatiebedrijf' zijn bestemd voor kermisexploitatiebedrijven met bedrijfswoningen, in de vorm van een woonwagen of een vrijstaande woning. Daarnaast mogen de gronden worden gebruikt voor tuinen en erven, nutsvoorzieningen en bedrijfswoningen ter plaatse van de gelijknamige aanduiding. Geluidzoneringsplichtige en risicovolle inrichtingen zijn niet toegestaan.

Voor de maatvoering van bedrijfsgebouwen, bedrijfswoningen (en bijbehorende bijgebouwen) en bouwwerken geen gebouwen zijnde is een schema opgenomen.

Bedrijventerrein - 1

Op de gronden met de bestemming 'Bedrijventerrein - 1' zijn bedrijven toegestaan in de categorieën 1 t/m 4.2. Door middel van aanduidingen op de verbeelding is aangegeven op welke locaties welke milieucategorieën zijn toegestaan. In paragraaf4.2.1 is de milieuzoneringssystematiek verder besproken. Binnen de bestemming 'Bedrijventerrein - 1' zijn geluidzoneringsplichtige inrichtingen toegestaan. De gronden met deze bestemming maken derhalve deel uit van het gezoneerde bedrijventerrein. Daarnaast zijn ontsluitingen in de vorm van paden en wegen alsmede groenvoorzieningen, parkeervoorzieningen en tuinen toegestaan. Ter plaatse van de aanduiding is een lpg-tankstation toegestaan. Risicovolle inrichtingen zijn uitgesloten, met uitzondering van de risicovolle inrichtingen ter plaatse van de aanduiding. Door middel van ontheffing kan nieuwvestiging van risicovolle inrichtingen worden toegestaan.

Bedrijfswoningen zijn alleen ter plaatse van de gelijknamige aanduiding toegestaan. Zelfstandige kantoren en detailhandel zijn niet toegestaan. Detailhandel als ondergeschikte nevenactiviteit is wel mogelijk, net als detailhandel in de vorm van postorderactiviteiten en/of verkoop via internet en detailhandel in auto's, motoren, boten, caravans en machinerieën ten behoeve van bedrijven.

Voor de maatvoering van bedrijfsgebouwen, bedrijfswoningen (en bijbehorende bijgebouwen) en bouwwerken, geen gebouwen zijnde is een schema opgenomen. In elk geval dienen gebouwen en bedrijfswoningen binnen het bouwvlak te worden gebouwd.

Door middel van ontheffing kunnen verkleiningen in de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens worden aangebracht of bijgebouwen bij de bedrijfswoning voor de voorgevel van de bedrijfswoning worden toegestaan. Daarnaast is een ontheffingsbevoegdheid opgenomen voor de vestiging van bedrijven die niet voorkomen op de Lijst van toegelaten bedrijfstypen of in een hogere categorie vallen, maar naar aard en invloed gelijk te stellen zijn met bedrijven die bij recht zijn toegestaan.

Bedrijventerrein - 2

Op de gronden met de bestemming 'Bedrijventerrein - 2' zijn bedrijven toegestaan in de categorieën 1 t/m 4.2. Door middel van aanduidingen op de verbeelding is aangegeven op welke locaties welke milieucategorieën zijn toegestaan. In paragraaf4.2.1 is de milieuzoneringssystematiek verder besproken. Binnen de bestemming 'Bedrijventerrein - 2' is de vestiging van geluidzoneringsplichtige inrichtingen uitgesloten. De gronden met deze bestemming maken derhalve geen deel uit van het gezoneerde bedrijventerrein. Risicovolle inrichtingen zijn uitgesloten. Door middel van ontheffing kan nieuwvestiging van risicovolle inrichtingen worden toegestaan.

Ontsluitingen in de vorm van paden en wegen alsmede groenvoorzieningen, parkeervoorzieningen en tuinen zijn wel toegestaan. Bedrijfswoningen zijn alleen ter plaatse van de gelijknamige aanduiding toegestaan. Ter plaatse van de aanduiding 'woonwagenstandplaats' zijn bedrijfswoningen, in de vorm van een woonwagen of een vrijstaande woning toegestaan. Zelfstandige kantoren en detailhandel zijn niet toegestaan, met uitzondering van een zelfstandig kantoor ter plaatse van de aanduiding 'kantoor'. Detailhandel als ondergeschikte nevenactiviteit is wel mogelijk, net als detailhandel in de vorm van postorderactiviteiten en/of verkoop via internet en detailhandel in auto's, motoren, boten, caravans en machinerieën ten behoeve van bedrijven.

Voor de maatvoering van bedrijfsgebouwen, bedrijfswoningen (en bijbehorende bijgebouwen) en bouwwerken, geen gebouwen zijnde is een schema opgenomen. In elk geval dienen gebouwen en bedrijfswoningen binnen het bouwvlak te worden gebouwd. Door middel van ontheffing kunnen verkleiningen in de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens worden aangebracht of bijgebouwen bij de bedrijfswoning of woonwagen voor de voorgevel van de bedrijfswoning of woonwagen worden toegestaan. Daarnaast is een ontheffingsbevoegdheid opgenomen voor de vestiging van bedrijven die niet voorkomen op de Lijst van toegelaten bedrijfstypen of in een hogere categorie vallen, maar naar aard en invloed gelijk te stellen zijn met bedrijven die bij recht zijn toegestaan.

Bos

Op de gronden met de bestemming 'Bos' zijn bos, struikgewas, hakhout en afschermende groenbeplanting toegestaan. Daarnaast zijn de gronden mede bestemd voor het behoud, de bescherming en de versterking van het bos met de bijbehorende landschaps- en natuurwaarden. Daarnaast zijn paden, in- en uitritten en nutsvoorzieningen toegestaan. Binnen de bestemming Bos zijn alleen bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met uitzondering van overkappingen, tot een bouwhoogte van 2,5 m toegestaan. Bruggen vallen niet onder de beperkingen wat betreft de bouwhoogte. Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bos - paviljoen' zijn maximaal twee paviljoens toegestaan, met een maximaal oppervlak van 100 m² per paviljoen en een maximale hoogte van 5 meter. Beide gebouwen zijn inmiddels met toepassing van artikel 19, lid 2 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening vergund.

Ter bescherming van het bos met de landschaps- of natuurwaarden is een aanlegvergunningenstelsel opgenomen.

Detailhandel-Tuincentrum

De gronden met de bestemming 'Detailhandel-Tuincentrum' zijn bestemd voor een tuincentrum en een bedrijfswoning, ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning'. Daarnaast mogen de gronden worden gebruikt als tuin en/of erf en zijn nutsvoorzieningen toegestaan. In de specifieke gebruiksregels is gedetailleerd opgenomen welke (detailhandels)activiteiten voor een tuincentrum worden toegestaan. Beroeps- en bedrijfsuitoefening aan huis is toegestaan.

Gemengd - 1

Op de gronden met de bestemming 'Gemengd - 1' zijn bedrijven en zelfstandige kantoren toegestaan. Ter plaatse van de aanduiding 'congrescentrum' is een congrescentrum met bijbehorend hotel en restaurant toegestaan. Daarnaast zijn fiets- en voetpaden, groenvoorzieningen, nutsvoorzieningen, ontsluitingswegen en tuinen/erven toegestaan.

Door middel van aanduidingen op de verbeelding is aangegeven op welke locaties welke maximale milieucategorieën zijn toegestaan. Binnen de bestemming 'Gemengd - 1' zijn geluidzoneringsplichtige en risicovolle inrichtingen niet toegestaan.

Gemengd - 2

De gronden met de bestemming 'Gemengd - 2' zijn bestemd voor sport en recreatie en sport- en recreatieondersteunende (dienstverlenende) voorzieningen. Daarnaast zijn onder meer restauratieve voorzieningen en een standplaats voor maximaal vijf kampeerauto's toegestaan. Bedrijfswoningen zijn toegestaan door middel van ontheffing.

Gemengd - 3

De gronden met de bestemming 'Gemengd - 3' zijn bestemd voor sport en recreatie, sport- en recreatieondersteunende (dienstverlenende) voorzieningen en maatschappelijke voorzieningen uit de categorieën 1 en 2 van de Lijst van toegelaten maatschappelijke voorzieningen. Daarnaast zijn onder meer restauratieve voorzieningen, nutsvoorzieningen en tuinen en erven toegestaan. Ter plaatse van de aanduiding is één bedrijfswoning toegestaan. Voor het toestaan van extra bedrijfswoningen is een ontheffingsbevoegdheid opgenomen.

Groen

Het structurele en structurerende openbare groen in het plangebied is onder de bestemming 'Groen' gebracht. Hier zijn groenvoorzieningen, paden, hondenuitlaatplaatsen, nuts- en speelvoorzieningen toegestaan. Binnen deze bestemming zijn alleen bouwwerken, geen gebouwen zijnde toegelaten. De bouwhoogte van speel- en klimtoestellen mag bij recht niet meer dan 4 meter bedragen. Burgemeester en wethouders kunnen onder voorwaarden ontheffing verlenen voor speel- en klimtoestellen tot een hoogte van 6 meter.

Horeca - 1

Op gronden met de bestemming 'Horeca - 1' zijn horecavormen in categorie 1 van de Lijst van toegelaten horecatypen toegelaten. Met ontheffing van burgemeester en wethouders kunnen ook andere horecatypen worden toegelaten. Criterium voor het verlenen van ontheffing is dat de dan toegelaten horecavorm naar aard en invloed vergelijkbaar is met de bij recht toegelaten vormen. Ter plaatse van de aanduiding is een bedrijfswoning toegestaan.

Kantoor

Op de gronden met de bestemming 'Kantoor' zijn kantoren, zakelijke dienstverlening, congres- en vergaderruimten, nutsvoorzieningen, tuinen en erven toegestaan, inclusief bouwwerken en parkeervoorzieningen.

Maatschappelijk

Binnen deze bestemming zijn de in het plangebied aanwezige maatschappelijke voorzieningen ondergebracht. Om de nodige flexibiliteit te kunnen bieden is binnen deze bestemming een vrije uitwisseling tussen de verschillende maatschappelijke voorzieningen mogelijk. Welke voorzieningen dat zijn staat in de Lijst van toegelaten maatschappelijke voorzieningen die in de bijlagen bij de regels is opgenomen.

Het gaat hier om maatschappelijke voorzieningen die thuishoren in een woongebied en noodzakelijk zijn voor het functioneren van het woongebied, zoals scholen en (para)medische praktijken.

Daarom worden overal in het plangebied maatschappelijke voorzieningen in (milieu)categorieën 1 en 2 aanvaardbaar geacht, ook op kortere afstand van woningen dan de richtafstand van 30 meter die in principe voor milieucategorie 2 wordt gehanteerd.

Voor de maatvoering van bedrijfsgebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde is een schema opgenomen. In elk geval dienen gebouwen binnen het bouwvlak te worden gebouwd. Van speelvoorzieningen mag de bouwhoogte niet meer dan 4 m bedragen. Met ontheffing kan de toegestane bouwhoogte voor speelvoorzieningen tot 6 m worden aangepast. Door middel van ontheffing is het mogelijk om maatschappelijke voorzieningen te vestigen die niet voorkomen op de Lijst van toegelaten maatschappelijke voorzieningen of in een hogere categorie van de betreffende Lijst, maar qua aard en invloed gelijk zijn te stellen met functies die bij recht zijn toegestaan.

Recreatie - Dagrecreatie

Op de gronden met de bestemming 'Recreatie - Dagrecreatie' zijn evenementen, nutsvoorzieningen en dagrecreatieve voorzieningen inclusief bouwwerken en parkeervoorzieningen toegestaan.

Sport

Op de gronden met de bestemming 'Sport' zijn evenementen, nutsvoorzieningen, sport en sportvoorzieningen tot en met categorie 3.1 van de Lijst van toegelaten sportvoorzieningen toegestaan. Deze bestemming is gegeven aan de sportcomplexen en sportzalen in het plangebied.

Door middel van ontheffing is het mogelijk om sportvoorzieningen te vestigen die niet voorkomen op de Lijst van toegelaten sportvoorzieningen of in een hogere categorie dan bij recht is toegestaan, maar qua aard en invloed gelijk zijn te stellen met functies die bij recht zijn toegestaan.

Verkeer - Spoorweg

Op de gronden met de bestemming 'Verkeer - Spoorweg' zijn wegen, spoorwegen, bermen, watergangen, groenvoorzieningen en specifieke spoorinfrastructuur toegestaan.

Verkeer - Verblijfsgebied

Op de gronden met de bestemming 'Verkeer - Verblijfsgebied' zijn wegen (voor zover niet bestemd voor doorgaand verkeer), bermen, parkeervoorzieningen, , in- en uitritten, nutsvoorzieningen en water- en waterhuishoudkundige voorzieningen toegestaan. Ook het niet-structurerende groen is in deze bestemming ondergebracht.

Verkeer - Weg

De wegen met primair een functie voor het doorgaande verkeer hebben de bestemming 'Verkeer - Weg' gekregen. Het betreft de Arnhemseweg, Kayersdijk en Laan van Malkenschoten/Laan van Westenenk.

Water

Het water in het plangebied vervult een belangrijke waterhuishoudkundige functie, maar is ook van visuele betekenis. Voor al deze waterpartijen is de bestemming 'Water' gehanteerd. Ook water- en oeverrecreatie is toegestaan.

Wonen

De woningen in het plangebied hebben de bestemming 'Wonen'. Voor de woningen is op de verbeelding een bouwvlak gegeven.

Door middel van bouwaanduidingen is onderscheid gemaakt tussen de verschillende bouwwijzen van de woningen: vrijstaand, twee-onder-een-kap en aaneengebouwd. Ter plaatse van de aanduiding twee-aaneen zijn zowel twee-onder-een-kapwoningen als vrijstaande woningen toegestaan. Bij de woningen is een diepte voor de bouwvlakken van 15 meter gehanteerd. De nog beschikbare uitbreidingsruimte hangt daarmee af van de diepte van de bestaande woning.

Bij vrijstaande, twee-onder-een-kap- en aaneengebouwde woningen heeft het perceelsgedeelte voor de voorgevel (en bij hoekpercelen naast de zijgevel) de aanduiding 'tuin'; het perceelsgedeelte achter de achtergevel (en bij vrijstaande en twee-onder-een-kapwoningen die niet op een hoek liggen het gedeelte naast de zijgevel) de aanduiding 'erf'. Deze aanduidingen zijn van belang voor de situering van bijgebouwen, aan- en uitbouwen en overkappingen. In de regels is namelijk bepaald dat deze bouwwerken niet alleen binnen het bouwvlak maar ook ter plaatse van de aanduiding erf mogen worden gebouwd. Daarbij is nog specifiek bepaald dat deze erfbebouwing ten minste 3 meter achter de voorgevel (of het verlengde daarvan) moet worden gesitueerd.

De maximaal toegelaten oppervlakte aan bijgebouwen, aan- of uitbouwen en overkappingen is gerelateerd aan de oppervlakte van de kavel. Is de kavel kleiner dan 500 m² dan is ten hoogste 50 m² aan bijgebouwen, aan- of uitbouwen en overkappingen toegestaan, bij kavels tussen 500 en 750 m² is die oppervlakte maximaal 65 m² en is de kavel groter dan 750 m² dan is ten hoogste 85 m² aan erfbebouwing toegestaan. Daarbij geldt wel steeds de voorwaarde dat niet meer dan 60% van de kavel wordt bebouwd.

Aan de Malkenschotenhof is een woonwagenstandplaats met woonwagens aanwezig. Ook deze hebben de bestemming Wonen gekregen. Deze locatie is aangeduid met de aanduiding 'woonwagenstandplaats'. In de regels is bepaald dat ter plaatse van die aanduiding woonwagens en vrijstaande woningen zijn toegelaten. Hiermee is het mogelijk gemaakt een woonwagen te vervangen door een vrijstaande woning. In het bebouwingsschema is een gedetailleerde regeling voor de maatvoering van woonwagens (en vervangende vrijstaande woningen) opgenomen. Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - kermisbedrijf' is een kermisbedrijf, inclusief opslag en reparatie, toegestaan.

Leiding - Gas

De gronden met de dubbelbestemming 'Leiding - Gas' zijn mede bestemd voor een ondergrondse gastransportleiding. Op de gronden met deze dubbelbestemming mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de leiding worden gebouwd. Andere bouwwerken zijn, mits passend binnen de andere bestemming, uitsluitend toegestaan door middel van ontheffing. Er kan pas ontheffing worden verleend wanneer vooraf advies van de leidingbeheerder is ingewonnen. Er is een aanlegvergunningenstelsel opgenomen waarbij aan de aanleg van diepwortelende beplanting, grondwerken, het aanbrengen van verhardingen en heiwerkzaamheden, beperkingen worden gesteld.

Leiding - Hoogspanningsverbinding

De bovengrondse hoogspanningsleiding die in het plangebied voorkomt, is van een dubbelbestemming voorzien. Op gronden met deze bestemming mogen alleen bouwwerken ten dienste van de hoogspanningsverbinding worden gebouwd. Andere bouwwerken zijn, mits passend binnen de andere bestemming, uitsluitend toegestaan door middel van ontheffing. Er kan pas ontheffing worden verleend wanneer vooraf advies van de leidingbeheerder is ingewonnen. Voor een aantal werken en werkzaamheden geldt een aanlegvergunningvereiste. Gevoelige bestemmingen zijn niet toegestaan.

Waarde - Archeologie Hoog en Waarde - Archeologie Middelhoog

Gebieden die op de archeologische beleidskaart zijn aangemerkt als gebied met hoge trefkans op archeologische resten hebben de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie Hoog' gekregen, gebieden die zijn aangemerkt als gebied met middelhoge trefkans op archeologische resten hebben de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie Middelhoog' gekregen. Voor beide bestemmingen geldt dat bij het indienen van een bouwaanvraag voor een bouwwerk met een oppervlakte van meer dan 50 m² (Hoog) respectievelijk 100 m² (Middelhoog) tevens een archeologisch onderzoeksrapport moet worden ingediend. Als uit dit rapport blijkt dat de archeologische waarden door het oprichten van het bouwwerk zullen worden verstoord kunnen burgemeester en wethouders bepaalde voorwaarden aan de bouwvergunning verbinden. Wanneer de archeologische waarde van het terrein al uit andere informatie (bijvoorbeeld uit eerder uitgevoerd onderzoek) bij de gemeente bekend is, is het niet nodig nieuw onderzoek uit te voeren. Voor een aantal werken en werkzaamheden geldt in beide bestemmingen een aanlegvergunningvereiste.

Waarde - Beken en sprengen

De gronden met de dubbelbestemming 'Waarde - Beken en sprengen' zijn, naast de daar voorkomende andere bestemmingen, mede bestemd voor het beheer, hersteld en onderhoud van de landschappelijk en ecologisch waardevolle beken en sprengen. De gronden zijn, naast de daar voorkomende andere bestemmingen, mede bestemd voor het beheer, herstel en onderhoud van de landschappelijk en ecologisch waardevolle beken en sprengen. De dubbelbestemming beoogt ook de beekoevers te beschermen. Daarom is het bestemmingsvlak beduidend breder dan de beek zelf. Op de gronden met deze dubbelbestemming mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van het beheer van de beken of sprengen worden gebouwd. Andere bouwwerken zijn, mits passend binnen de andere bestemming, uitsluitend toegestaan door middel van ontheffing. Er kan pas ontheffing worden verleend wanneer vooraf advies van de beheerder van de beek of spreng is opgenomen. Als voorwaarde is daarnaast opgenomen dat de landschappelijke en ecologische waarden van de beek of spreng niet mogen worden aangetast. Ook deze bestemming kent voor een aantal werken en werkzaamheden een aanlegvergunningvereiste.

Beroeps- en bedrijfsuitoefening aan huis

Bij recht is het gebruik van (een deel van) woning en bijgebouwen ten behoeve van beroepsuitoefening en niet-publieksgerichte bedrijfsmatige activiteiten aan huis toegestaan. Daarbij worden enige beperkingen gesteld om ervoor te zorgen dat het woonkarakter van de woning het beroeps- of bedrijfsmatige gebruik blijft overheersen. Voor de niet-publieksgerichte bedrijfsmatige activiteiten aan huis geldt dat alleen bedrijfsactiviteiten die voorkomen op de Lijst van toegelaten bedrijfsactiviteiten aan huis zijn toegestaan.

Voor deze lijst is aansluiting gezocht bij de bedrijven die in de richtafstandenlijst van de VNG-uitgave 'Bedrijven en milieuzonering' als bedrijven van categorie 1 zijn aangemerkt. Omdat het gaat om activiteiten in een woning op een relatief klein oppervlak is het aantal bedrijfsactiviteiten dat is toegelaten zeer beperkt gehouden.

Binnen de bestemmingen Bedrijf en Bedrijventerrein en die bestemmingen die ook bedrijfsactiviteiten mogelijk maken is het uitoefenen van een bedrijf op het hele perceel toegelaten. Het is dan het overbodig om nog iets te regelen over bedrijfsuitoefening aan huis. Voor alle duidelijkheid is in die bestemmingen vastgelegd dat het uitoefenen van een beroep aan huis is toegestaan.

Bouwregels

Voor de maatvoering van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde is per bestemming een bebouwingsschema opgenomen. In de bebouwingsschema's staan de maatvoeringsaspecten die voor die specifieke bestemming gelden.

5.2.3 Algemene regels en overgangs- en slotregels

In hoofdstuk 3 (Algemene regels) zijn regels opgenomen die gelden voor alle bestemmingen. In artikel 31 zijn bouwregels opgenomen die voor alle bestemmingen gelden. In lid 31.1 is onder andere de bepaling over ondergronds bouwen opgenomen. Hierin is bepaald dat ondergronds bouwen in het hele pangebied is toegestaan.

In dit lid is ook een regeling opgenomen voor de bomen die door burgemeester en wethouders als bijzondere boom zijn aangewezen. Bijzondere bomen vinden hun voornaamste bescherming in de Algemene Plaatselijke Verordening, waarin is bepaald dat het verboden is om zonder vergunning bomen te kappen en dat er geen vergunning tot het kappen van bijzondere bomen wordt afgegeven, tenzij sprake is van een ernstige bedreiging van de openbare veiligheid, noodtoestand of andere uitzonderlijke situatie. Dit geheel biedt reeds een aanzienlijke bescherming van de bijzondere bomen. In het bestemmingsplan is een aanvullende regeling opgenomen. De bijzondere bomen zijn met een functieaanduiding op de verbeelding aangegeven. Aangezien de SVBP2008 de functieaanduiding 'bijzondere boom' niet kent is gekozen voor de aanduiding 'monumentale boom'. In artikel 1 is monumentale boom gedefinieerd als boom die is vermeld op de lijst van bijzondere bomen. In de regels is bepaald dat, daar waar de aanduiding 'monumentale boom' voorkomt, de afstand van bebouwing tot het hart van de boom ten minste 10 meter dient te bedragen; onder voorwaarden kan ontheffing worden verleend voor het verkleinen van deze afstand tot 5 meter. Ter verdere bescherming van de bomen is een aantal werken en werkzaamheden binnen een afstand van 5 meter uit het hart van de als monumentale boom aangeduide boom slechts toegestaan indien een aanlegvergunning is verleend. Het aanlegvergunningenstelsel is steeds opgenomen in de artikelen van de bestemmingen waarin monumentale bomen voorkomen. Het laatste onderdeel van dit lid geeft een regeling voor legaal gebouwde (delen van) bouwwerken die niet voldoen aan de in het plan voorgeschreven maatvoering. De aanwezige maten zijn dan toegelaten, ook bij eventuele herbouw van het bouwwerk. Dit geldt alleen daar waar de afwijking voorkomt.

Lid 31.3 bevat de afdekbepaling. Hier is bepaald dat, wanneer in het plan een maximale goothoogte is aangegeven, het gebouw vanaf die bouwhoogte dient te worden afgedekt met een kap. Deze bepaling impliceert dat een platte afdekking is toegestaan, mits dat platte dak niet hoger is dan de op dat punt geldende maximaal toegelaten bouwhoogte.

In artikel 32 staan de algemene gebruiksregels. Hierin is beschreven welke vormen van gebruik in ieder geval gelden als gebruik in strijd met de bestemming en daarmee onder het gebruiksverbod van artikel 7.10 van de Wet ruimtelijke ordening vallen. Onderdeel g hiervan verdient bespreking. De archeologische beleidskaart geeft voor het gehele grondgebied van Apeldoorn aan hoe hoog de trefkans op archeologische resten per gebied is. Gebieden met een hoge trefkans hebben de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie Hoog' gekregen, gebieden waar die trefkans middelhoog is hebben de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie Middelhoog' gekregen. De overige gebieden, waar de trefkans op archeologische resten laag is, hebben geen dubbelbestemming gekregen. Daarvoor geldt onderdeel g van de Algemene gebruiksregels. Daarin is bepaald dat het verstoren van archeologische waarden in die gebieden door het uitvoeren van bepaalde werkzaamheden over een oppervlakte van ten minste 1.000 m² en dieper dan 0,5 meter onder maaiveld in strijd is met de bestemming, tenzij uit archeologisch onderzoek is gebleken dat die waarden niet onevenredig worden verstoord. Indien de archeologische waarde van het terrein al uit andere informatie (bij voorbeeld eerder uitgevoerd onderzoek) bij de gemeente bekend is, is het niet nodig nieuw archeologisch onderzoek uit te voeren.

In artikel 33 zijn de algemene aanduidingsregels opgenomen. Dit zijn regels voor gebiedsaanduidingen die in meerdere bestemmingen voorkomen.

In artikel 36 staan de procedureregels die bij ontheffing en nadere eisen in acht genomen moeten worden. Artikel 37 tenslotte geeft aan welke regeling geldt wanneer wordt verwezen naar andere wettelijke regelingen en plannen. De overige artikelen bevatten bekende regels die geen nadere bespreking behoeven.

Hoofdstuk 4 bevat tot slot het overgangsrecht voor bouwwerken en gebruik en de titel van het bestemmingsplan.