direct naar inhoud van Artikel 6 Bedrijf-Kermisexploitatiebedrijf
Plan: Bestemmingsplan Malkenschoten-Kayersmolen
Status: voorontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0200.bp1002-von1

Artikel 6 Bedrijf-Kermisexploitatiebedrijf

6.1 Bestemmingsomschrijving

De voor Bedrijf-Kermisexploitatiebedrijf aangewezen gronden zijn bestemd voor:

a. opslag en reparatie ten behoeve van het kermisbedrijf;

b. een bedrijfswoning in de vorm van een woonwagen of een vrijstaande woning ter plaatse van de aanduiding 'woonwagenstandplaats';

c. nutsvoorzieningen;

d. tuin en/of erf;

met de daarbij behorende bouwwerken en parkeervoorzieningen.

6.2 Bouwregels

Naast de algemene bouwregels van artikel 31 gelden de specifieke regels van het navolgende bebouwingsschema, waarbij geldt dat de in het schema voorkomende verwijzingen verwijzen naar de in lid 6.3 genoemde ontheffingen.

Bebouwing   Maximale oppervlakte/inhoud   Maximale goothoogte   Maximale bouwhoogte   Bijzondere regels  
Gebouwen en overkappingen, met uitzondering van bijgebouwen en overkappingen bij bedrijfswoningen en woonwagens   - bouwvlak, met inachtneming van het bebouwingsperce ntage ter plaatse van de aanduiding 'maximale goot-, bouwhoogte (m) en maximum bebouwingspercentage (%)'
- 100 m² per bedrijfswoning of woonwagen  
- de ter plaatse van de aanduiding 'maximale goot-, bouwhoogte (m) en maximum bebouwingspercentage (%)' aangegeven waarde
- bedrijfswoningen en woonwagens: 4 m  
- de ter plaatse van de aanduiding 'maximale goot-, bouwhoogte (m) en maximum bebouwingspercentage (%)' aangegeven waarde
- bedrijfswoningen en woonwagens: 8 m  
- de afstand van woonwagens onderling bedraagt ten minste 5 m
- als bedrijfswoningen, niet zijnde woonwagens, zijn uitsluitend vrijstaande en halfvrijstaande woningen toegestaan
- de afstand van bedrijfswoningen, voor zover de bedrijfswoningen niet aaneengebouwd zijn, en woonwagens tot de zijdelingse perceelsgrens bedraagt ten minste 2,50 m
- de afstand van gebouwen en overkappingen tot de zijdelingse perceelsgrens bedraagt ten minste 5 m (6.3a)  
Bijgebouwen en overkappingen bij bedrijfswoningen en woonwagens   45 m²   bijgebouw: 3 m   bijgebouw: 5 m
overkapping: 3 m  
- bijgebouwen en overkappingen mogen niet voor de voorgevel van de bedrijfswoning c.q. woonwagen of het verlengde daarvan worden opgericht (6.3b)
- voor het bepalen van de oppervlakte worden bijgebouwen en aan- of uitbouwen die worden gebruikt voor beroepsuitoefening aan huis dan wel voor niet-publieksgerichte bedrijfsactiviteiten aan huis meegeteld
- in bijgebouwen is het aanbrengen van voorzieningen die noodzakelijk zijn voor de beroepsuitoefening aan huis dan wel voor de niet-publiekgerichte bedrijfsactiviteiten aan huis toegestaan
- in bijgebouwen bij woonwagens is het aanbrengen van sanitaire voorzieningen toegestaan  
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met uitzondering van overkappingen       tuinmeubilair: 3 m
antenne-installatie s: 15 m
speel- en klimtoestellen: 4 m (6.3c)
overig: 2 m  
de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen vóór (het verlengde van) de naar de straat of openbaar verblijfsgebied georiënteerde gevel(s) bedraagt ten hoogste 1 m  
6.3 Ontheffing van de bouwregels

Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen:

  • a. van het in lid 6.2 bepaalde om de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens bij gebouwen, overkappingen en bijgebouwen te verkleinen tot een afstand van ten minste 3 m, indien dit uit brandveiligheids- en stedenbouwkundig oogpunt aanvaardbaar is;
  • b. van het in lid 6.2 bepaalde dat bijgebouwen bij de bedrijfswoning of woonwagen niet voor de voorgevel van de bedrijfswoning c.q. woonwagen of het verlengde daarvan mogen worden gebouwd, indien dit uit stedenbouwkundig oogpunt niet onaanvaardbaar is;
  • c. van het in lid 6.2 bepaalde ten behoeve van het bouwen van speel- en klimtoestellen tot een bouwhoogte van 6 meter, mits hierdoor geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het in het plan beoogde stedenbouwkundig beeld en dit voor de omringende bedrijfswoningen geen onevenredige hinder oplevert;
  • d. van het in lid 6.1 en lid 6.2 bepaalde voor het oprichten van bebouwing ten behoeve van activiteiten waarvoor ingevolge lid 6.5 ontheffing van de gebruiksregels is verleend.

Op het verlenen van ontheffingen zijn de in artikel 36 lopgenomen procedureregels van toepassing.

6.4 Specifieke gebruiksregels
6.4.1 Gebruik woonwagenstandplaats

De grond ter plaatse van de aanduiding 'woonwagenstandplaats' mag niet worden gebruikt ten behoeve van reguliere woningen.

6.4.2 Gebruik niet bebouwde grond

De niet bebouwde grond mag uitsluitend als bedrijfsterrein, tuin, erf of parkeervoorziening worden gebruikt, met dien verstande dat gebruik als opslagterrein vóór de naar de wegzijde gekeerde bouwgrens niet is toegestaan.